Hildo's Zwartkruit! (page 34)
tTienjarig jubileum als sportschutter!

 BACK

Kaboom! Topscore na exact tien jaar: 91 punten met de BFR!

2 december 2015. Tienjarig jubileum

Op de dag af tien jaar geleden, op 2 december 2005, vuurde Hildo zijn eerste zwartkruitschot af. Dat was met een .58 Sharps en het tweede was er eentje met een Colt Walker. Dat mocht toen nog... Die schoten luidden het begin in van de leukste hobby van allemaal: sportschieten!

Drieduizend foto's en bijbehorende verhalen

U vindt het eerste schot op bladzijde 2 van Hildo's zwartkruitbelevenissen want hij heeft het allemaal bijgehouden. In die tien jaar is er behoorlijk wat geknald en beleefd. Momenteel staan er inmiddels rond de drieduizend foto's plus bijbehorende teksten in de 34 bladzijden van deze zwartkruit blog. Als ie het allemaal niet vreselijk leuk had gevonden, had ie het nooit volgehouden... en daar blijft het niet bij want Hildo is er nog lang niet flauw van en hij gaat door! Het sportschieten met al dan niet zwartkruit wapens heeft zich ontwikkeld tot Hildo's allerfijnste hobby en hij zal er nooit mee zal stoppen, als het aan hem ligt. Zowel het schieten zelf als het erover schrijven is en blijft een fantastisch gebeuren.

Aanslagen in Parijs

Als wapens gebruikt worden in een oorlog geeft dat ellende. Kort geleden zijn er aanslagen in Parijs geweest. Als reactie daarop gaan er stemmen op om de schietsport weer aan te pakken. Het is uiteraard heel gemakkelijk om niet-criminele oppassende burgers hun wapens af te nemen of bepaalde vormen van schietsport (zoals IPSC) te verbieden. Helaas lost dat het probleem met aanslagen en terroristen niet op. Paniekvoetbal heet zoiets en het geeft aan dat de terroristen in hun opzet geslaagd zijn: angst zaaien. Hildo hoopt dat de politici, maar ook de gewone burger, zich niet door angst en paniek laten leiden, maar hun verstand blijven gebruiken. De enig goede manier om wapenbezit te reguleren, is de illegale wapens van criminelen en terroristen in beslag nemen. Wel is dat stukken lastiger dan sportschutters hun legale wapens af te laten geven op het politiebureau.

 

2 december 2015. T.R.A.A.G. schieten met Olga

Olga is er zo eentje waarvan gezegd wordt dat het een fout wapen is. Maar een wapen is nooit fout, het is de persoon die er achter staat die het verschil maakt. In dit geval is dat Hildo. Misschien denkt u dat Hildo lang niet lekker is en daarin heeft u wellicht gelijk. Maar rare dingen doen met wapens zit niet in hem en gelukkig gaat dat voor verreweg de meeste mensen op.

Schot voor schot

Als er garantie opgezeten had was Olga al lang teruggebracht, maar het wapen is particulier gekocht. De voormalige eigenaar beweert nog steeds dat het altijd goed schoot, nooit een misser. Hildo waagt dat te betwijfelen want bij hem is het precies anders om. Het wapen heeft het nog nooit goed gedaan. Volop haperingen en meestal gaat er maar één schot af alvorens er weer een weigering optreedt. Binnenkort gaat Hildo écht met Olga aan de gang om dit probleem op te lossen want leuk schieten is het zo niet.

2 december 2015. 91 punten met de BFR!

Op 14 december 2011 schoot Hildo 89 punten, daarna een keertje 91 punten op 22 januari 2014, zijn alltime hoogste score, beide met de Colt Walker. Met de BFR heeft hij nooit beter geschoten dan 77 omdat het ding zo zwaar is. Maar vandaag, exact op zijn tienjarig jubileum als sportschutter, schiet hij zomaar 91 punten met diezelfde BFR en verbrijzelt daarmee alle voorgaande BFR-hoogste scores en evenaart hij zelfs zijn alltime high score van 10 jaar sportschieten met een revolver! Een fantastisch resultaat én dat net toevallig exact op dezelfde dag van zijn tienjarig sportschietjubileum! Hildo heeft de kaart meegenomen om in te lijsten.

Waarom zo'n hoge score dan?

Een beetje geluk mag u niet uitsluiten maar, Hildo heeft het er al eerder over gehad, dit resultaat is een direct gevolg van de krachttraining die hij momenteel doet. Die extra kracht maakt hem een betere schutter met een revolver zo zwaar als de BFR. En als het voor Hildo werkt, dan werkt het voor u ook.

De oefening: Lateral Raise

Hildo doet bij de krachttraining oefeningen voor het hele lichaam, maar hij denkt dat met name de 'Lateral Raise' hem tot dit resultaat gebracht heeft. Even 'Lateral Raise' googelen of op Youtube bekijken en u ziet precies wat de bedoeling is. Gewoon rechtop staan en, met de dumbells in de handen en de ellebogen licht gebogen, de handen zijwaarts en iets voorwaarts omhoog brengen, niet boven 90 graden optillen om te schouders te ontzien want schouders zijn bijzonder gevoelige gewrichten voor blessures. Bovenaan het gewicht een seconde vasthouden en langzaam(!) laten zakken. Niet helemaal tot onderen, u moet de spanning erop houden. Dit herhaalt u vijftien keer, dan neemt u een minuut rust en dan doet u het nog 15 keer. Vijftien keer die dumbell omhoog brengen wordt een 'repetitie' genoemd. Hoe vaak u die repetities doet, worden 'sets' genoemd. Hildo doet minimaal 3 en maximaal 5 sets. Als het niet mogelijk is die 15 repetities te halen, kunt u een lichter gewicht nemen. Haalt u die 15 repetities gemakkelijk, dan kunt u het gewicht verhogen of meer repetities doen. De laatste 15 keer in de laatste set moet erg moeilijk gaan óf nét niet te halen zijn, als u uw spieren voelt branden is dat goed. Hierdoor worden ze tot groei aangezet. Met zowel de repetities, sets als het gewicht kunt u spelen maar, ngmaals, kijk uit met de schouders. Voelt het niet goed, onmiddelijk stoppen. U kunt natuurlijk ook met lichtere gewichten trainen en veel meer repetities doen. Niet vaker trainen dan twee keer in de week, uw spieren hebben tijd nodig om te herstellen. Als u weer begint te trainen voordat de spieren zich hersteld hebben, is dat niet zinvol en bent u aan het ´overtrainen´. Minder repetities en zwaardere gewichten geeft meer spiergroei en kracht, meer repetities geven meer uithoudingsvermogen en kracht, maar minder spiergroei. Uithoudingsvermogen en kracht is waar de sportschutter voor zal gaan. Het enige wat u nodig heeft, behalve wat gewichten, is discipline en doorzettingsvermogen. Het kost verder nada!

Opwarmen is belangrijk

Zorg ervoor dat u uw spieren opgewarmt zijn voordat u aan de zwaardere gewichten begint. Dit om blessures te voorkomen. Hildo heeft inmiddels de pees van zijn rechter triceps al beschadigd/gedeeltelijk gescheurd door overbelasting en onvoldoende opwarming, gewoon tijdens opdrukken. Voordat dit hersteld is, zullen er weken en misschien wel maanden voorbij gaan. Gelukkig komt het met schieten niet op de triceps aan. Voorzichtig dus met krachttraining, zeker als u wat ouder bent raken pezen/spieraanhechtingen veel sneller geblesseerd want spierkracht groeit sneller dan de sterkte van uw pezen. Misschien is het, als oudere, wel belangrijker om te gaan voor spierbehoud in plaats van spiergroei.

 

De Drie Gezusters: Juliette de Chassepot, Bernadette de Chassepot-Gras en Claudette de Gras



Van voorlader tot nitro. Drie grendelgeweren uit de tijd van De Grote Zwartkruit Wapenrace!

De Drie Gezusters

Hildo heeft dit voorjaar het geluk dat hij deze drie voormalig militaire geweren kan overnemen van Drs. P. te Groningen. Een uitmuntend zanger, mocht u het zich afvragen. Helaas heeft Hildo kort daarna de pech een herseninfarct te krijgen en dat gooit roet in het eten. Het belemmert in ieder geval danig de voortgang van dit verslag waar Hildo al een poosje achter de schermen aan gewerkt heeft, maar nu is het zover! Wat betreft de foutloosheid van dit verslag: Hildo geeft geen garanties hoor! De Drie Gezusters tezamen laten de volledige technische ontwikkeling zien van Het Franse Militaire Geweer tijdens 'De Grote Zwartkruit Wapenrace' van 1866 t/m 1886, een tijd waarin de ontwikkelingen razendsnel verliepen. In die twintig jaar ging het Franse militaire apparaat van hun .58 voorlader naar een 8 mm nitro grendelgeweer met buismagazijn. Vanaf 1866 werden er met de invoering van de Chassepot voor het eerst achterladers gebruikt in het Franse leger. Gebruikte de Chassepot nog papieren patronen, met de invoering van de Gras in 1874 was de overgang naar de moderne eenheidpatroon met slaghoedje en een messing huls een feit. Dit fantastisch drietal is zelfs compleet met type correcte, originele bajonetten! Een joekel van een zogenaamd 'Yatagan' zwaardbajonet voor de M1866 Chassepot en Chassepot-Gras conversie en een iets ingetogener bajonet voor de M1874 Gras. In het jaar 1886 komt de Lebel, het eerste Franse meerschots nitrokruitgeweer in een modern 8 mm 'kleinkaliber'. Daar houdt het voor Hildo helaas op want een Lebel is geen zwartkruit geweer meer. Dat wapen is in Nederland dan ook verlofplichtig.

 


Juliette: Fusil Mle 1866 Chassepot (naaldvuur)

Juliette is gemaakt in september 1871, vlak na de Frans-Pruisische oorlog, door Manufacture d'Armes de Châtellerault (MAC) en aldaar voorzien van nr. 30701 en zij is nog steeds nummergelijk! De kolfstempel is nog duidelijk te zien en is van januari 1872. Zij verkeert in een uitstekende en nog steeds ongemodificeerde, originele staat. Dit terwijl verscheidene Chassepots na de invoering van de opvolger, het Mle 1874 Gras geweer, werden geconverteerd om de 11x59R Gras patroon te kunnen verschieten. Waarom het conversieverhaal aan Juliette voorbij is gegaan, is Hildo onduidelijk. De naald en het rubber missen bij Juliette. De vorige eigenaar, Drs. P te G., heeft nooit met haar geschoten. Rubber droogt uit en naalden breken, het zijn slijtagedelen zogezegd. Gelukkig lijken deze onderdelen relatief gemakkelijk zelf te fabriceren. Het rubber is noodzakelijk om de kamer zo goed mogelijk af te dichten tijdens het schot. Bij een normale achterlader zorgt de huls voor de afdichting maar bij de Chassepot, die met papierpatronen schiet, is dat dus de rubberen ring. Onder de druk van het schot wordt het rubber sterker tegen de kamerwand gedrukt voor een betere afdichting. De naald dringt van achteren de papierpatroon binnen, waarin een normaal musket percussiekapje voor de ontsteking zorgt. Hildo vindt het bijzonder dat de haan eerst gespannen moet worden, het gebogen gedeelte achter de grendel, alvorens de grendel geopend kan worden. Bij de opvolger, de Mle 1874 Gras, maar ook bij de Mle 1866-74 Chassepot conversie wordt het wapen gespannen als de grendel omhoog wordt gedaan bij het openen, net als bij een modern geweer. Hij wil zelf versterkt papier gaan maken (een papiermaaksetje heeft ie al) om uiteindelijk zijn eigen superauthentieke papierpatronen te fabriceren. Jazeker, hij zal ooit met Juliette gaan schieten. Maar houdt uw adem niet in, het kan nog even duren.

Historie

Vanuit een technisch standpunt bekeken vindt Hildo Juliette, de Chassepot, het mooiste geweer van dit drietal omdat het zo'n mooie technische tussenvorm is. Geen voorlader meer, maar ook nog niet voorzien van een moderne patroon. Het werd ontwikkeld door Antoine Alphonse Chassepot, die al eerder een geweer had gemaakt dat toen niet door de Franse militaire keuring heen kwam. Met de Chassepot Mle 1866 lukte dat wel en het kwam in 1866 voor het eerst in handen van de Franse soldaat en in 1868 was het hele leger uitgerust met de Chassepot. Het was het eerste militaire grendelgeweer van de Fransen, want tot die tijd had het Franse leger alleen voorladers tot hun beschikking gehad. De Chassepot is een naaldvuurgeweer, een verbeterde versie van het systeem zoals dat voor het eerst in 1841 werd geïntroduceerd met het Duitse (Pruisische) Dreyse naaldvuurgeweer (Zündnadelgewehr). Het systeem is weliswaar gebaseerd op de moderne grendel actie, maar gebruikt nog een papieren patroon. Het principe van de Chassepot werkt, net als het Dreyse geweer, op een naald die van achteren in een papieren patroon prikt en daar een regulier percussiekapje doet afgaan. In 1866 was die techniek al verouderd omdat het systeem van de de randvuur messing huls, maar ook de messing huls met slaghoedje, al bestond. Naar het schijnt hebben de Fransen tóch nog voor het naaldvuursysteem gekozen omdat de moderne messing hulzen als 'te duur' werden gezien. En dan zeggen dat Nederlanders krenterig zijn, ha! De Chassepot geweren werden al snel en-masse ingezet omdat er al vrij vlot, in 1870, een door de Pruisen uitgelokte oorlog uitbrak tussen de Pruisen (Duitsers, zou u nu zeggen) en de Fransen. De Fransen hadden met de 11 mm Mle1866 Chassepot en een grote kruitlading van ruim 70 grain het superieure geweer met veel betere ballistische eigenschappen dan het ouderwets grote 15,3 mm (ongeveer .60") Pruisische Dreyse naaldvuurgeweer. Ene Johannes Beck, werkzaam bij de 'Königlichen Preußischen Gewehrfabrik' te Spandau, stelde een aanpassing voor om Dreyse naaldvuurgeweren betere ballistische eigenschappen te geven, meer zoals de Chassepot. Die aanpassing werd op verschillende Dreyse Zündnadelgewehren doorgevoerd in 1869. Er is een Chassepot ter hand genomen en daarvan is onder meer het betere principe van de gasafdichting overgenomen. Tevens is de kogel 10 gram lichter gemaakt om tot een vlakkere kogelbaan te komen. Maar het lag niet aan de last-minute veranderingen aan het veel oudere en daardoor inferieure Dreyse geweer dat de Fransen uiteindelijk het onderspit delfden in de oorlog, de Chassepot bleef superieur!

 

Bernadette: Fusil Mle 1866-74 Chassepot-Gras ( 11x59R conversie)

Hildo vindt Bernadette, behalve net zo bevallig als haar zusters, een zeer net geweer. Het lichtjes opgeschuurde hout draagt daar zeker aan bij, op zich natuurlijk absoluut fout om zoiets te doen. De verzamelaarswaarde is door deze actie tot vrijwel nul gereduceerd. Bernadette is tevens het oudste van de zusters, gemaakt in 1867 in de wapenfabriek van St. Etienne en erg laat geconverteerd in 1882, getuige het S.1867 S.82 stempel op de rechterzijde van de loop.

M80 veiligheidsbewerking

Ze heeft tóch het M80 opschrift op de linkerzijde van de kast, wat betekent dat het wapen in 1880 de veiligheidsbewerking heeft ondergaan die ervoor zorgt dat bij een gescheurde huls de gasdruk niet in het gezicht van de schutter terecht komt. De stempel betekent dat de 'M80' bewerking is uitgevoerd, maar dat zegt klaarblijkelijk niets over het jaartal waarin dat gebeurd is: de conversie van papier patroon naar messing huls heeft immers pas plaats gevonden in 1882 gezien het stempel op de rechterzijde van de loop. Ondanks dat zij er netjes uit ziet, is zij toch geen kapitalen waard, anders had Hildo het wapen niet kunnen aanschaffen natuurlijk. Franse wapens zijn in het algemeen wat goedkoper dan Amerikaanse. Omdat Hildo een echte Europeaan is en soms zelfs een beetje weerzin voelt tegenover het brallerige van de gemiddelde Amerikaan, gaat hij liever voor een 'made in Europe'-wapen en Bernadette is er een mooi voorbeeld van. Zeg nu zelf, een 45-70 Springfield Trapdoor in vergelijkbare staat is veel duurder en absoluut niet zeldzamer. Enne... is een Trapdoor ook mooier dan Bernadette met haar tijgerhout en hypermoderne grendel? Echt niet. Vive La France! Alhoewel, de Amerikaanse revolvers zijn wel stukken mooier dan die lompe Europese en ook een Rolling Block, Sharps of Kentucky Long Rifle kan best wel heel erg begeerlijk zijn....

De conversiebus

Tijdens het doorhalen van de loop met een lapje met olie, vanuit de loopmonding, merkt Hildo dat de poetsstok even blijft haken achter een rand, in de buurt van de overgang van kamer naar loop. Daar zou geen rand horen te zitten, maar omdat tijdens de conversie van papier naar messing hulspatroon de originele kamer is uitgedraaid en er een bus in de kamer is gezet, kon dat het wel eens zijn wat Hildo voelt. Omdat de kogel richting loopmonding gaat, gaat het niet om een obstructie. Maar netjes is het niet. Waarschijnlijk was een snelle conversie belangrijker dan een perfecte.

Historie

Na de invoering van de 1874 Gras zaten de Fransen nog met stapels technisch achterhaalde M1866 Chassepot naaldvuurgeweren, die tot 1874 werden geproduceerd, behalve natuurlijk de ongeveer 600.000 exemplaren die de Duitsers zichzelf hadden toegeigend nadat de Fransen de Frans-Pruisische oorlog van 70-71 hadden verloren. De Chassepot was soms vrijwel nieuw of nog maar een paar jaar oud, vaak nog in goede staat en in feite een prima geweer. Alleen dat verouderde naaldvuursysteem maakte het niet langer levensvatbaar. Het was een optie om dan ook maar de Chassepots om te bouwen naar de 11x59R Gras patroon, dus naar dezelfde patroon die ook in de M1874 Gras werd gebruikt. Dat is dan ook gebeurd met behoorlijke aantallen en Bernadette is een voorbeeld van zo'n geconverteerde Chassepot. Deze conversie heeft zelfs vrij laat, in 1882 pas, plaatsgevonden. Maar niet alleen de Fransen vergrepen zich aan hun Chassepot, ook de Pruisen converteerden veel van de in beslag genomen Chassepots, maar dan naar de 11x60R Mauser patroon. Daarnaast namen de Duitsers ook nog de zaag ter hand om er gelijk maar een karabijn van te maken: beter geschikt voor de Duitse cavalerie, artillerie en andere eenheden die zich niet direct aan het front bevonden. De Duitse infanterie hield de handjes gewoon om hun Mauser M1871 geklemd.

 


De 'Yatagan' bajonet op de Mle 1866 Chassepot

De bajonet op Claudette, de Mle 1874 Gras
De bajonet zit wat verder van de kogelbaan af dan bij de Chassepot. Waarschijnlijk verbetert dat de precisie tijdens schieten met gemonteerde bajonet doordat terugkaatsende gassen de kogel minder snel uit balans zullen brengen op het moment dat ie de loop verlaat.



De Franse bajonetten (klik foto's groter van liggende bajonetten)
De bajonetten van de Drie Gezusters. Het gigantische zogenaamde 'Yatagan' zwaardbajonet is voor de M1866 Chassepot en Chassepot-Gras conversie. Dit soort zwaardbajonetten hebben hun oorsprong gehad in Turkije. De iets ingetogener prikstok is de bajonet voor de M1874 Gras. Beide zijn voorzien van een metalen schede waaraan een draagriem kan worden bevestigd. Constant met deze grote en ook zware (wat met name voor het Yatagan zwaardbajonet geldt), bajonetten op het geweer rondlopen, was niet de bedoeling. Ze zijn onhandig en gevaarlijk, want voor uw het weet prikt u uw collega-soldaat er aan. Op de schietbaan, Hildo heeft het al eens eerder gezegd, zijn ze ook ongewenst vanwege hetzelfde gevaar voor een collega-schutter. Een geweer met een bajonet erop is in de praktijk erg onhandig, u blijft achter alles haken.
Voldoende lang
In theorie zou een Franse soldaat er zelfs twee Duitsers tegelijk aan kunnen prikken, maar het werkelijke doel is anders. De extreme lengte stamt nog uit de tijd van de voorladers waarbij soms de toevlucht tot de bajonetten genomen moest worden. Het bood bescherming tegen de cavalerie en tegen de tegenstander als u beide geen tijd meer had om opnieuw te laden. Hoe langer hoe beter, mocht het uitmonden in een bajonetgevecht. Met de invoering van de achterlader, en al helemaal met meerschots wapens, is die onhandig lange bajonet steeds minder gaan tellen. Waarom de Yatagan-stijl een poosje erg 'gewild' was bij verschillende legers? Kopieergedrag, want sabels hebben nauwelijks nut meer in de tijd van achterladers en lopen met trekken en velden. Nadat de Yatagan bajonet ingevoerd was door Frankrijk in 1840, begonnen ook andere landen deze bajonet in te voeren. Voor de 1866 Chassepot werd een iets afwijkende bajonet ontworpen, maar erg lang heeft de Yatagan-hype niet geduurd: het 1874 Gras geweer was al weer voorzien van een bajonet in een meer ouderwetse, iets kortere en smallere stijl, zoals u hierboven kunt zien. Later werden de bajonetten alleen maar korter en tegenwoordig zijn het niet meer dan een soort van grote messen, wat in de praktijk een stuk praktischer is.

Een Rapine Bullet Mold Mfg. Co. 446-355 giettang

Dit is een giettang die Hildo bij 'De Drie Gezusters' gekregen heeft. De mal leek nog nooit of nauwelijks gebruikt, want de snijplaat was nog niet blauw verkleurd door de hitte van het gieten. Nu wel, iets wat altijd gebeurt tijdens het gieten.



9 december 2015. Het kruitloze schot
Voor de eerste keer in zijn carrière heeft Hildo, per ongeluk, een patroon in elkaar gezet zonder kruit. 'Ploep', klinkt het schot zachtjes en 'zachtjes' is niet wat de BFR gewoonlijk zegt of doet. Even afwachten met de loop richting de kogelvanger, het schot zou alsnog af kunnen gaan, het lijkt warempel wel een vuursteenslot wapen. De trommel zit shocking klem, blijkt even later, en wil niet meer voor- of achteruit en er uithalen wil ook niet. Het begint Hildo al te dagen: het slaghoedje ia afgegaan, maar het kruit niet. De trommel wil niet draaien omdat een kogel half in de overgangsconus zit. Een kwestie van de kogel terugtikken met een geleende pompstok en voilà. Nader onderzoek thuis leert dat wél het viltje en het vulmiddel in de patroon zit, maar dat het kruit ontbreekt. Volgende keer moet er nóg beter opgelet worden tijdens het herladen. Fouten maken is menselijk, maar met herladen niet gewenst. Vóór het plaatsen van het viltje bekijkt Hildo met een zaklamp altijd de kruitvoorraad in de huls. Ditmaal heeft hij er blijkbaar eentje gemist, zowel bij het vullen als bij het checken.



9 december 2015. Geen top, wel goed
Geen 91 punten ditmaal maar alleen maar steeds beter schieten kan niet. U mag niet vergeten dat Hildo's beste score met de BFR lange tijd iets van 77 punten geweest is. Vaak haalde hij de 70 niet eens. Wat dat betreft, is het ook nu toch een gigantische verbetering met 'vroeger'. Binnenkort zal Hildo de Colt Walker aan de tand voelen, ook zwaar. Misschien zit daar ook nog wel een lichte verbetering in, hoewel het lastig gaat worden om met de Walker boven zijn eigen persoonlijk Walker record van 91 te komen. Tevens was er ditmaal, zoals gezegd, een weigering: kruit vergeten in de huls. Hildo had maar dertien patronen bij zich, geen reserve, ze doen het immers altijd...


16 december 2015. Even opwarmen?
Na het geweer nog even met de revolver schieten. Hij heeft al een poosje niet meer geschoten met de Walker, de revolver waar hij altijd best redelijke groepjes mee wist te schieten. Nog in de overwinningsroes van de 91 punten superscore van 2 december dacht hij wel even een superkaart met de Walker neer te zetten. Valt toch even tegen. Met slechts 77 punten schiet hij, ondanks de krachttraining, ver beneden zijn gemiddelde, maar... daar brengt hij binnenkort verandering in!
Twee zwartkruitwapens
Met twee zwartkruitwapens naar de baan, zoals vandaag, is niet praktisch vanwege het vele schoonmaakwerk. Toch 40 minuten bezig om zowel Eleanor als de Walker weer schoon te krijgen. Lastig als u net meer dan een uur onderweg bent van de schietbaan en de volgende dag weer moet werken.




19 december 2015. De schietkaarten van de Snertwedstrijd
Okay, okay... het lijkt niet alleen niet zo best, maar het is ook niet zo best. Meer mensen hadden problemen om het beest juist te raken. Alle schietbanen zijn anders. Deze al helemaal omdat het een buitenbaan is, met gewoon daglicht. Het schijnt veel uit te maken. Hoe dan ook, dat blijkt voor Hildo het probleem niet. Gewoon de kogels dicht bij elkaar in de kaart schieten is natuurlijk een voorwaarde voor een goede score. Deze groepjes zijn te groot, maar het mooie ervan is dat er heel veel ruimte is voor verbetering, mooi hè?


30 december 2015. De laatste van 2015
Eigenlijk de één na laatste, want Hildo is ook nog even aan het knallen geweest met de CZ Shadow. Tweehonderd patronen meegenomen om het oude jaar er goed uit te knallen, maar na iets van 80 schoten toch maar besloten te stoppen omdat het niet asociaal moet worden: er staan nog meer schutters op de baan. Overigens heeft Hildo volledig vergeten de CZ-schietkaart te fotograferen, even teveel haast om achter een glas chocolademelk te kruipen.
Eleanor
Wat betreft deze kaart met Eleanor: het is niet zo'n beste. Het lukte Hildo maar niet om mooi rustig te blijven staan. Telkens iets zwaaien en dan maar hopen dat het schot nét op het goede moment valt. Dat deed het dus de meeste tijd niet, maar toch lijkt er iets van een groepje rechtsonder het midden te zijn ontstaan, vreemd. Vandaag leken de klappen ook iets kleiner, maar verschil kan er niet in zitten: dezelfde kogel, kruit, viltje en aan het geweer is ook niets veranderd... de enige variabele is Hildo zelf, zoals zo vaak. Gaat vast beter in 2016. Hildo gaat er in ieder geval absoluut voor en vanaf deze plek wil hij alle dames en heren schutters, die toevallig eens over deze website struikelen en zijn schier eindeloze zemelverhalen doorworstelen, het allerbeste toewensen in geluk en gezondheid. Dat we met z'n allen nog lang en veel mogen schieten en genieten van onze sport! Proost!


20 januari 2016. Alweer een perfecte schietbeurt
Met 85 punten is Hildo helemaal niet ontevreden. Daarnaast was het, nog veel belangrijker, vandaag heerlijk relaxed knallen. Op bepaalde momenten heeft hij het geweer op de kaart gericht, zit de zwarte cirkel zit midden in het diopter, haalt hij de trekker over en knal! Een paar schoten gaan in ieder geval helemaal volgens het boekje. Waar die paar kogels precies terecht gekomen zijn, weet Hildo niet met zekerheid te zeggen, hij gebruikt geen baankijker, maar het is goed mogelijk dat het gewoon, pats, die twee tienen zijn geweest. Alweer bijna 200 kilometer rijden voor dertien schoten en, u kunt het geloven of niet, het is écht de moeite waard. Gek hè?


27 januari 2016. Uitslag interne competitie 2016 zwartkruitgeweer (klik afbeelding groter)
Dit is de discipline waaraan Hildo meedoet met Eleanor. HW ZKG = Historisch Wapen ZwartKruit Geweer. Een echte KNSA-dicipline is het niet, want dan zou een gemiddelde schietvereniging al snel een heel klein deelnemersveld hebben omdat er weinig schutters en erg veel disciplines zijn. Bij SV de Vrijheid Hoogeveen vertaalt dat zich naar één enkele discipline voor zwartkruit gestookte geweren. Geen verschil in voor- of achterlaad, percussie, steenslot, getrokken loop of gladloop en open vizier of diopter. Wat dat betreft, zou Hildo goed moeten scoren want hij heeft een getrokken loop én een diopter.
15e plaats bij 32 deelnemers
Hildo is lidnummer 177 en behaalt, zoals u kunt zien, de vijftiende plaats. Maar iets bovengemiddeld ondanks dat Eleanor voorzien is van een diopter. Hij heeft precies acht kaarten geschoten, volgens de regels van SV de Vrijheid. Het wettelijk verplichte aantal is vijf kaarten. Het is onduidelijk waarom dan acht kaarten nodig zijn, maar Hildo maakt het niet uit. Erg bijzonder, en niet erg sportief, is dat de schutter méér kaarten dan acht kaarten mag schieten waarbij niet het gemiddelde maar alleen de acht hoogste scores tellen. Oneerlijk, immers bij geen enkele andere wedstrijd is het mogelijk zoveel mogelijk kaarten te schieten om uw gemiddelde omhoog te brengen of überhaupt nogmaals een kaart te schieten als het resultaat u toevallig niet aanstaat. Hildo houdt het eerlijk en schiet ook dit jaar weer acht kaarten... als hij de tel niet kwijtraakt.
Dipje
In het midden van het jaar is er een duidelijke dip in de schietprestaties na Hildo´s herseninfarct, maar, zoals u heeft kunnen lezen op deze website, is het hem gelukt om weer terug te komen op zijn normale niveau... en daarmee is hij niet tevreden, hij gaat proberen om het oude niveau te overtreffen! Daarom voorspelt Hildo nu alvast dat het jaar 2016 een geweldig jaar wordt! Daarbij zijn de scores natuurlijk maar een gedeelte van het verhaal.



7 februari 2016. Olga's grendel
Hoe het precies heet weet Hildo niet eens, maar de hele constructie houdt hij op 'grendel', of heet het 'afsluiter'? Dit 'slagpinstaafje', in een Tjechische exploded view heet het 'udernik', is er onderdeel van. Het is de hamer die de slagpin aantikt en zo de patroon doet afgaan. Aan de linkerkant zit een deukje (1). Dat is waar dit staafje de slagpin raakt. Doordat er een deukje in zit, zal de slagpin niet ver ingedrukt worden, met als gevolg dat de patroon soms wel en soms niet afgaat. Tenminste, dat is de theorie.
Vijlen
Aan de rechterkant van het slagpinstaafje is Hildo gaan vijlen (2). Als hij daar een halve millimeter afvijlt, kan het slagpinstaafje immers de slagpin een halve millimeter verder indrukken. Het valt Hildo direct op hoe zacht het metaal is. Uiteindelijk heeft Hildo er hoogstens een paar honderdste afgevijld, dus of het nu al effect heeft is onzeker. Anders nogmaals de vijl ter hand nemen en eventueel kan Hildo het deukje iets oplassen en vervolgens weer vlak vijlen. En als het allemaal niet lukt, is er vast ergens een nieuw 'slagpinstaafje' te koop of gaat uitendelijk het hele geweer de prullenbak in, want met dit soort haperingen schieten is niet de bedoeling. Een geweer moet het gewoon doen.


10 februari 2016. Na wat vijlen
Het was al vanaf dag één mis met Olga. Weigeringen, maar zoals u hierboven heeft kunnen zien, is Hildo met een vijl bezig geweest. Of dat goed of slecht is geweest, zal nu blijken!
Het resultaat
De verwachting is binnen de perken. Hildo heeft maar een klein beetje materiaal weggevijld en het lijkt iets beter, maar misschien is dat toeval. Weigeren doet Olga nog steeds en wie niet horen wil moet maar voelen, dus Hildo zal binnenkort nogmaals de vijl ter hand nemen. Over de score zelf, en met name die onverklaarbare afzwaaiers, wil Hildo het niet hebben. 'Dat komt omdat het geweer zo hapert'... beweert hij.


2 maart 2016. De laatste oefening voor Grubbenvorst!
Zaterdag 5 maart 2016 wordt de jaarlijkse Rolling Block wedstrijd gehouden in Grubbenvorst. Daar is Hildo nog nooit geweest, het is best ver rijden vanuit Groningen. Hij wil zich natuurlijk van zijn beste kant laten zien, vandaar dat hij de laatste tijd iets meer met Tijgertje heeft geschoten. Voor deze Laatste-Kaart-Voor-De-Grote-Wedstrijd zijn de eerste schoten gedaan met behulp van een baankijker. Daarna heeft Hildo de baankijker gelaten voor wat het was want telkens door zo'n ding turen, daar worden bij hem de groepjes niet kleiner van. Rechts onder het midden is het kogelgroepje van vijf schoten die hij op het laatst schoot. Niet slecht, maar... niet in het midden. Misschien zit er wat speling op het vizier, misschien is Hildo tóch niet zo'n beste schutter. Wat hij er met Tijgertje uiteindelijk van bakt in Grubbenvorst? Da's nog even afwachten natuurlijk. Er lopen daar een aaantal schutters rond van, letterlijk, wereldniveau. 'Als ze maar niet bang zijn om te verliezen', grijnst Hildo.

Frankrijk tussen 1866 en 1886

Eigenlijk verandert er soms niet veel. Ook vandaag de dag zijn er af en toe onlusten in de buitenwijken van Parijs door de minder bedeelden, op wat voor manier dan ook. Vroeger was dat niet anders. Er was de aristocratie, het gepeupel en alles daar tussenin. Daarnaast waren er politiek en sociaal geëngageerde studenten die, zoals studenten dat ook nu nog plegen te doen, tegen de gevestigde orde in willen marcheren omdat zij menen dat er iets niet in orde is en het beter kan. Frankrijk was, net als nu, destijds geen rustige samenleving, het broeide overal.

 

Franse soldaten aan het front met de Mle 1866 Chassepot

Frankrijk, de dominante grootmacht

Vroeger, we spreken nu over het oorlogvoeren vóór de Eerste Wereldoorlog (1914-1918), bleven oorlogen en de slachtoffers binnen 'redelijke' perken. Tenminste als u 100.000 dode lichamen op een rij niet al te veel vindt.

Frankrijk was destijds een grootmacht, vergelijkbaar met een land als de Verenigde Staten nu. Ruzie zoeken met Frankrijk was onverstandig. De nipte nederlaag van Napoleon op het slagveld van Waterloo in 1815 was, anno 1870, de laatste keer geweest dat de Fransen het onderspit moesten delven.

Veranderende landsgrenzen

Er waren destijds relatief veel oorlogen tussen de landen van Europa, maar als de verliezer zich overgaf was de vrede al snel weer getekend na wat landje-pik. De grenzen zijn daarom heel wat keren wat veranderd. Het komt nu minder voor, gelukkig maar, gezien de technologische ontwikkelingen en effectiviteit in het massaal elkaar kunnen afslachten. De laatste keer was na het uiteenvallen van de voormalige Sovjet Unie, gelukkig zonder oorlogshandelingen. De bloedige burgeroorlog die een eind maakte aan het bestaan van Joegoslavië was er ook eentje die de landsgrenzen heeft beïnvloed.

 

Pruisische aanval onder Frans Chassepot-vuur (klik afbeelding groter)

Frans-Pruisische oorlog 1870-1871

U kent ongetwijfeld de naam Bismarck. Die man, Otto von Bismarck dus, was destijds een bijzonder belangrijk politicus. Hij had extreem veel invloed en macht en een wil om de Duitse staten samen te voegen. Pruisen werd steeds machtiger, iets wat de Fransen met lede ogen aanzagen. Toen in 1870 Prins Leopold, een familielid van de Koning van Pruisen, koning van Spanje zou worden, was voor de Fransen de maat vol. Ze waren bang omringd te worden door Pruisen. Daarom stuurden ze een telegram naar de Pruisische koning Wilhelm I omdat ze wilden, eisten in feite, dat de koning zijn familielid zou terugfluiten. Bismarck maakte dit telegram openbaar in nationale kranten, in iets aangepaste bewoordingen, zodat het als een belediging klonk. De nationalistische gevoelens van de Pruisen, die u niet geheel onbekend zullen voorkomen, zorgen uiteindelijk voor wat mindere gevoelens tussen de Pruisen en Fransen. De Duitse staten sloten zich aaneen onder Pruisen om uiteindelijk oorlog te voeren tegen Frankrijk. Deze oorlog staat nu bekend als de Frans-Pruisische oorlog van 1870-1871.

Pruisische aanval onder Frans Chassepot-vuur

De Pruisen hadden het Dreyse naaldvuurgeweer, de Fransen het Chassepot naaldvuurgeweer. De Pruisen achterlaad-kannonnen, de Fransen schoten nog met oude voorlaad-kanonnen. Kortom, de Duitsers hadden de betere kanonnen, de Fransen het betere geweer. Bestormingen over een open veld, zoals hierboven afgebeeld tijdens de slag van Gravelotte, hebben de Duitsers erg veel, duizenden(!), verliezen opgeleverd want terugschieten konden ze niet: het Dreyse geweer droeg niet zo ver. Destijds werden oorlogen vaak over steeds langere afstanden door de Europese legers beslecht en bij geweer tegen geweer hadden de Duitsers dus geen kans op langere afstand, maar gedurende de gehele Frans-Pruisische oorlog werden dan telkens weer de Pruisische kanonnen in stelling gebracht. De snel schietende achterladers van de Pruisen waren uiteindelijk telkens heer en meester in de artillerie duels tegen de Franse voorlaadkanonnen. Maar de Pruisen hadden met name de rest van hun organisatie beter geregeld: de dienstplicht (veel soldaten), een goede communicatie, efficiënt en snel vervoer van manschappen en materieel (trein) en hadden met Helmuth von Moltke (1800-1891) een uitstekend generaal waar de Franse bevelvoering niet aan kon tippen. Last but not least was er de massale inzet van die moderne achterlaad kanonnen. Ze wonnen uiteindelijk de 1870-1871 Frans-Pruisische oorlog zelfs relatief vlot.

 

Een zeer bekende afbeelding: Napoleon III en Otto von Bismarck na de overgave van Frankrijk bij Sedan. (klik afbeelding groter)

De oorlog, die op 19 juli 1870 door Frankrijk werd verklaard, liep uiteindelijk op een nederlaag uit voor Frankrijk. De Franse keizer, Napoleon III, werd gevangen genomen en het Franse leger definitief verslagen bij de slag bij Sedan op 2 september 1870. In het keizerrijk Frankrijk werd vervolgens de republiek uitgeroepen en die nieuwe Franse republiek bleef vechten. Uiteindelijk heeft de voorlopige regering van de republiek op 10 mei 1871 gecapituleerd en de vrede getekend. In Parijs bleef men echter doorknokken, tot grote irritatie van zowel de voorlopige Franse regering als van de Duitsers die dit 'geen eerlijke manier van oorlogvoeren' vonden. Destijds werd de strijd nog uitgevochten op het slagveld. Op 21 mei 1871 zette het Franse regime de aanval in op de rebellen, de zogenaamde Commune van Parijs. Een week lang knokken en 20.000 doden (!) verder was de opstand neergeslagen. Een tragisch einde aan deze toch al tragische oorlog, want zoals zo vaak... wat is er uiteindelijk mee gewonnen?

 

Proklamation des Deutschen Kaiserreiches 1871 in Versailles

Zelfs voordat de Pruisen deze oorlog al helemaal gewonnen hadden, is het Duitse Keizerrijk op 18 januari 1871 uitgeroepen in de geconfisceerde spiegelzaal van het paleis van Versailles. Een vreselijke vernedering, dat kunt u zich voorstellen, met zelfs een aanvullende triomftocht door Parijs die nog meer zout in de wonden strooide.

De afbeelding hierboven is in 1877 geschilderd door ene Anton von Werner. De Pruisische Koning Wilhelm I werd hiermee tevens Keizer van het nieuwe Duitse Keizerrijk. Otto von Bismarck werd de eerste Rijkskanselier, hoofd van de Duitse regering. Veel fantasie heeft u niet nodig om Otto brallend met z'n dikke buik achter het stuur van een Mercedes te zien zitten. Napoleon III, hij staat natuurlijk niet op deze afbeelding, komt op Hildo meer over als een een biologische groenteboer in een Renault 4.

 

Het Duitse Keizerrijk 1871-1918

Het donkerblauwe gebied is Pruissen, het zalmkleurige deel de rest van het Duitse Keizerrijk. Het was beduidend groter dan het huidige Duitsland nu, ondanks de toevoeging van de voormalige DDR in 1989. Na het verliezen van de Eerste Wereldoorlog veranderde deze kaart wederom en is de laatste Duitse keizer, Wilhelm II, gevlucht naar Nederland, naar Huis Doorn te Doorn, waar hij nu nog steeds in zijn mausoleum ligt. Staat ons binnenkort weer wat verandering te wachten?

 

Claudette: Fusil Mle 1874 Gras (11x59R centraalvuur)

Ook dit geweer is al weer bijna 150 jaar oud. ´Waar blijft de tijd´, zucht Claudette met nog een licht Frans accent. Ze is nog steeds netjes, maar heeft hier en daar toch iets pitting en het hout is het minst mooi van De Drie Gezusters. Oude gebruikssporen lijken er op te wijzen dat Claudette het langst heeft 'gediend'. Evengoed lijkt ook Claudette goed bezien nog best redelijk de tands des tijds te hebben doorstaan, ook de binnenzijde van de loop is netjes. De stempels op de kast zijn er zeer ondiep ingeslagen en slecht te fotograferen. Zij is, net als Juliette, gemaakt door Manufacture d'Armes de Châtellerault (MAC) en heeft de M.80 veiligheidsconversie ook ondergaan. Hildo is vol verwachting en zal haar binnenkort uitnodigen voor een uitje naar de schietbaan en het lijkt erop dat ze daar wel oren naar heeft want ze begint al helemaal te glunderen!

Historie

Na de nederlaag in de Frans-Pruisische oorlog in 1870-1871, zaten de Fransen nog steeds hun Chassepot papierpatronen te vouwen. Hun aartsvijand, het gloednieuwe oppermachtige Duitse Keizerrijk, kwam al in 1871 met de M1871 Mauser op de proppen. Dat is een enkelschots grendelgeweer, in 11.15x60R met moderne messing hulzen, is duidelijk het superieure wapen. Het mag gezegd dat bij de Mauser tijdens het ontwerp wel sterk naar de Chassepot is gekeken. Door die M1871 Mauser kregen de Fransen opeens erg veel haast om hun, nog niet erg oude maar intussen al wel hopeloos achterhaalde, Chassepots te vervangen door een soortgelijk wapen dat geschikt moest zijn voor moderne munitie. Wederom moest het een enkelschots grendelgeweer worden, in het ongewijzigd Chassepot 11 mm kaliber, maar ditmaal wél met messing hulzen. Dat werd de Fusil Mle 1874 Gras in het kaliber 11x59R Gras. Het wapen is ontworpen door ene Basile Gras, een kapitein in het Franse leger. Het Gras geweer is in feite nog steeds een haast volledige kopie van de Chassepot, op het grendelsysteem, de kamer en de bajonet na. Van een paar meter afstand ziet u vrijwel geen verschil. De Gras is uiteindelijk geproduceerd tot 1886 waarna het stokje overgenomen werd door de M1886 Lebel, een meerschots geweer met buismagazijn én het eerste militaire 8 mm geweer ter wereld dat op nitrokruit werkte. De vrij lichte kogel had voor die tijd een zeer vlakke kogelbaan. Met de Lebel is de eerste stap gezet naar moderne wapens met een kleiner kaliber, lichtere maar snellere kogels door gebruik van het sterkere moderne nitrokruit. Hierdoor had het wapen superieure ballistische eigenschappen.



1866 Chassepot/1866-74 conversie & 1874 Gras bajonet
Nog even rechtop, kunt u ze wat groter bewonderen. Even voor de statistici onder ons... Zonder pareerstang of handvat meet het lemmet van de Chassepot bajonet 57,5 cm en die van de Gras 52 cm. Lang genoeg voor de dikste Duitser en okay voor twee dunne. Wat Hildo opvalt, hij heeft verder geen verstand van bajonetten, dat ze beide erg stomp zijn aan de 'snijzijde'. Hij vermoedt dat ze ook nooit scherp geweest zijn. Ledematen afhakken met de Yatagan Chassepot bajonet zou in theorie misschien best kunnen, denkt Hildo, maar gaat lastig worden met de scherpte van dit lemmet. Hakken was iets wat met echte sabels door de cavalerie wel gedaan werd. Eigenlijk helemaal niet zo'n leuk spul, die bajonetten, maar er wordt niet meer mee gehakt en geprikt. De punten van beide zijn trouwens wel behoorlijk scherp. Beide bajonetten verkeren in uitstekende staat voor hun leeftijd. Weinig pitting en het hout van de Gras bajonet is beter dan die van de meeste. Van de Chassepot heeft Hildo twee Yatagans, eentje voor Juliette Mle 1866 en eentje voor Bernadette de Mle 1866-74 conversie. In principe zijn die bajonetten gelijk, maar in de praktijk zit er wel verschil in want onderling uitwisselbaar zijn ze niet echt. Verschil in de geweren zou ook kunnen, of allebei. Over bajonetten en hun herkomst kunnen boeken vol geschreven worden, maar Hildo wil hier niet al te diep op ingaan. Het intrigeert hem niet in het bijzonder en het mondt al snel uit in 'eindeloos geneuzel', iets wat Hildo al genoeg doet. Geen enkele bajonet is nummergelijk met de bijbehorende schede, jammer maar zeker niet rampzalig, behalve voor wie een nummerfreak is.

 

Rapine Bullet Mold kogel: slecht te gieten

Als alle gietmallen van Rapine zo zijn als deze, begrijpt Hildo wel waarom de Rapine Bullet Mold Company inmiddels niet meer bestaat. Het gietblok is van aluminium, maar giet vreselijk slecht. Dit is de beroerdste gietmal waar hij ooit mee gegoten heeft. Zelfs met een extra hoge temperatuur en met een lood/tin legering om het metaal beter te laten vloeien wil het blok niet goed vullen. De neus, het ogief van de kogel, is prima maar de vetgroeven, altijd al het meest lastige deel van een kogel en het eerste waar het fout gaat, hebben ronde hoeken en die zijn niet goed te krijgen. En het ligt niet aan Hildo, want die kan inmiddels best een aardige kogel gieten hoor. Waarschijnlijk is er iets mis met de ontluchting van het blok. Het sluit wel erg mooi, maar naast freesgroeven zijn er geen ontluchtingsgroeven op het oppervlak van het gietblok te zien. Het vakmanschap is goed, maar het lijkt erop dat Rapine toch niet helemaal wist waar ze mee bezig waren.

Voldoende kogels

Hoewel de kogels niet perfect zijn, denkt Hildo dat ze wel redelijk zullen schieten. Eventueel kan hij altijd nog een kogelgiettang laten maken naar origineel model, dus voor een te paper patchen kogel zonder vetgroeven.

Maat en gewicht erg netjes

Volgens de doos is dit een 446-355 kogel. Hildo weegt en meet er vijf stuks die met de lood/tin legering gegoten zijn. Ze zijn zeer constant en komen erg goed overeen met de opgegeven maat en het gewicht. De diameter zit tussen de .4465" (11,34 mm} en .4470" (11,36 mm) en ze wegen allemaal tussen de 355 en 356 grain per stuk. Jammer dat de driving bands rond zijn, maar misschien is de kogel toch beter dan dat ie er op het eerste gezicht uitziet. Het zal te zijner tijd blijken op de schietbaan.


11 december 2015. Ingelijste topkaart
Even een schilderij met bloemen à la van Gogh verwijderd vanwege ruimtegebrek. Niet erg, want Vincent van Gogh mag dan wel een beroemde schilder zijn, zijn roem kwam pas na zijn dood. Toen hij nog leefde vonden tijdgenoten zijn schilderijen ook al rommel en Hildo begrijpt die tijdgenoten wel. Een veel fijnere afbeelding, Hildo's tienjarige jubileum topkaart van 2 december jongstleden, hangt er nu!


16 december 2015.
Hildo blijft erbij, Eleanor is één van de fijnste wapens om mee te schieten. Het tempo is natuurlijk rustig omdat het een voorlader is, maar het mooiste is de diopter. Dit richtmiddel functioneert buitengewoon goed in combinatie met Hildo's niet al te beste ogen. Als hij ernaast schiet met Eleanor, dan ligt het niet aan het geweer. De kaart vandaag? De groep lijkt niet eens bijzonder met alle afzwaaiers, maar de tienen, negens en een serie achten maken het net allemaal goed en hij komt daarmee iets boven gemiddeld voor zijn doen. Prima hoor.


19 december 2015. Snertwedstrijd van de Poachers
Tien jaar geleden was dit de eerste zwartkruitwedstrijd die Hildo heeft bijgewoond, dus ook dit is in principe een jubileum wedstrijd. Alleen heeft hij destijds alleen gekeken en nog niet geschoten. Hij had nog geen eigen wapens. Nu wel en zijn verwachtingen zijn tamelijk hoog gespannen omdat hij beter dan ooit met de BFR schiet. Maar hij valt dit keer niet in de prijzen. Toch lastig hoor, die diermotieven. En nog lastiger zijn die soms wel erg goede andere schutters. Al die tegenstanders gaan er niet zo maar bij liggen met de handjes omhoog, welnee, hier wordt om de prijzen gestreden! Overigens wel in een zéér gemoedelijk sfeer en als het een keertje niet zo goed gaat, zoals vandaag bij Hildo, dan heeft het humeur er niet onder te lijden.
Erge terugslag?
Als u zo naar het plaatje kijkt, dan lijkt de terugslag, opslag zo u wilt, vrij ernstig. Maar dat valt heel erg mee. Hildo laat de revolver vrijwel los in zijn hand hangen, heeft het wapen niet erg stevig vast, dat is niet nodig met deze lading. Hildo is ervan overtuigt dat knijpen in het handvat geen betere score oplevert.


Half-open schietbaan
Overdekte schietbanen zijn de norm in Nederland. Het voorkomt lukraak rondvliegende kogels en, met name, geluidsoverlast. In Brummen wordt er nog steeds geschoten op deze halfoverdekte baan en dat is inmiddels uitzonderlijk binnen de Nederlands grenzen. Het schuin naar beneden lopende dak zorgt er voor dat kogels niet buiten de baan kunnen komen. Wat de geluidsoverlast betreft, daar lijken de omwonenden, het zijn er niet veel, gelukkig geen last van te hebben. Ook een prettige bijkomstigheid... lekker veel frisse lucht. Dat maakt het fijn schieten!


Prijsuitreiking
Supergezellig bij de Poachers, dat ziet u zo. Prijsuitreikingen zijn een vast bestanddeel na een wedstrijd, niet alleen binnen de schietsport. Altijd weer een leuke happening als afsluiter. Doorgaan tot echt alle prijzen op zijn duurt tot de 34e plaats bij de achterlaadgeweren. Geduld is een schone zaak.


23 december 2015. Kerstborrel & knallen
Bij SV de Vrijheid in Hoogeveen is er een kerstborrel, maar de schietbanen zijn ook gewoon open. Da's belangrijk want hoe gezellig en leuk ook, Hildo rijdt geen 170 kilometer (heen en terug) om een borrel te drinken. De kerstborrel laat hij sowieso voor wat het is vanwege zowel zijn medicijnen alsook het feit dat hij nog rijden moet. Maar een warme chocola is ook prima. Ondanks de mooie kerstboom met lampjes komt hij niet verder dan 72 punten en daarmee zit hij op zijn ouwe niveau. Hieruit blijkt dat krachttraining alleen niet borg staat voor beste scores.
Roken
Hildo is gestopt met roken, eet gezond en beweegt meer sinds zijn herseninfarct want het leven is veel te fijn om er zo maar schouderophalend bij te gaan zitten. Zeuren wil hij niet, maar het moet hem van het hart dat hij het jammer blijft vinden dat er dit jaar voor 7000 euro aan de 25 meter baan vertimmerd is zonder dat de afzuiging op het verbeterlijstje gestaan heeft. Bij SV de Vrijheid Hoogeveen zijn zelfs de nitroschutters al het een en ander gewend, want ze zeggen niets over de bepaald niet frisse zwartkruitrookwolken die de BFR uitbraakt. De rook en looddampen worden na het schot rechtstreeks achteruit richting de schutter geblazen en verspreidt zich achter het schietpunt, omdat er daar geen toevoer van verse lucht is. Er zit niets anders op dan zoveel mogelijk de adem inhouden na het schot. Hoort bij het zwartkruitschieten? Nee hoor, maar het hoort wél bij een slecht functionerende afzuiging. Zo'n slechte afzuiging, zeker bij een club waar erg veel zwartkruit geschoten wordt, is de schietsport onwaardig. Hildo hoopt dat op een gegeven moment niet alleen de voorzitter, maar ook de rest van het bestuur zal begrijpen dat deelname aan de schietsport de gezondheid van de sportschutter niet onder druk mag zetten.


13 januari 2016. Het goede begin!
Vandaag de eerste kaart van het nieuwe jaar. Vorige week was het een beetje glad, met al die ijzel. Daarom leek het Hildo toen beter om de tocht niet te ondernemen. Deze avond lijkt stabiel rustig blijven eerst even een probleem, maar later in de serie wordt het beter. Ondanks de late start, is het wel een heel goede want met deze eerste kaart van het nieuwe jaar is direct al de 90 punten barrière doorbroken. Dat belooft wat voor de rest van het jaar!


27 januari 2016. Nieuwe trend!
De eerste schietkaart van dit jaar was op 13 januari, 90 punten, de tweede 85 punten en deze derde 81 punten. Nu is Hildo niet erg modieus aangelegd, maar zou zich hier een nieuwe trend aftekenen? Hij was toch mooi rustig en stabiel aan het schieten, een verklaring voor deze neerwaartse scores heeft hij verder niet. Toch slaapt hij hier vannacht geen seconde minder door, hoor!


3 februari 2016. Wat een groep!
Niets bijzonders ditmaal, maar toch ziet het er even héél anders uit dan de vorige keer. Wat afzwaaiers, maar de hoofdgroep van zeven kogels is toch best erg klein. Nu moet Hildo moeite doen om met z'n vingers van de (verstelbare) korrel af te blijven, want dit vraagt erom. Inmiddels is Hildo iets wijzer en hij weet dat wanneer hij begint te draaien de groep straks weer links van het midden zit. Dan moet ie weer terug en uiteindelijk staat ie weer net zoals nu. De ene keer is het zo, een andere keer iets anders. Niets menselijks is Hildo vreemd.


10 februari 2016. Richtpunt vergeten
Erg vaak schiet Hildo niet met Tijgertje. De korrel is er zo eentje die op meer militaire geweren voorkomt, een korrel met een puntje er bovenop. Moet het puntje helemaal boven de keep uitsteken op 50 meter of moet de bovenkant van het puntje gelijk zijn aan de bovenkant van de keep. Ditmaal houdt Hildo bovenkant korrel gelijk aan bovenkant keep en houdt onderkant zwart aan. Misschien beter midden in het zwart richten. Binnenkort nog een keer weer proberen, want dit moet echt stukken beter kunnen.


24 februari 2016. Knalluh met de 1911
Een 1911 is een klassieker. Deze Norinco al helemaal, want het is een vrijwel één op één Chinese kopie van het Amerikaanse origineel. Kwaliteit is dus beroerd? Welnee zeg, zij is niet slechter, nee, misschien wel béter dan een originele 1911. Want in tegenstelling tot het origineel, is een Norinco gemaakt van knetterhard staal en dat heeft een langere levensduur. Met deze Norinco zijn al duizenden schoten afgevuurd. Iets van 4000 is de levensduur van een originele 1911, heeft Hildo ergens gelezen. Hoeveel wordt er met een pistool in oorlogsomstandigheden geschoten? Precies. Maar op de schietbaan ligt dat anders, dus deze Norinco heeft inmiddels al meer 'actie' gezien dan waarvoor zijn originele broertje destijds gebouwd is.
De score
Maakt het wat uit? Natuurlijk niet, maar evengoed is het voor Hildo leuk om te weten wat hij er van gebakken heeft. In dit geval ging het met de tweede serie stukken beter. Hoewel ook 69 punten geen wereldscore is. Kan beter? Vast.
Dé Rolling Block Wedstrijd - Grubbenvorst (Limburg)

5 maart 2016. Rolling Block Wedstrijd te Grubbenvorst (Limburg)
Elk jaar wordt deze wedstrijd gehouden. De organisatie is in handen van Mark, Muriëlle en Rob, uiteraard allemaal mensen met een sterke voorliefde voor de Rolling Block, in wat voor hoedanigheid dan ook. De schutters kunnen deelnemen in verschillende klasses, te weten Militair, Diopter, Jacht, Karabijn en Pistool. De wedstrijd wordt gehouden op de schietbanen van SV Het Karabijntje, een vereniging met 18 leden. Het houten clubhuis van deze kleine club is niet groot maar wel erg gezellig, netjes en voorzien van alles wat u nodig zou kunnen hebben. Maar het mooiste ligt onder de grond: daar vindt u maar liefts acht schietbanen van 25 meter en vier stuks van 50 meter, alle met elektrisch kaarttransport. De schietbanen hebben een geweldig werkende afzuiging zodat de longen van de schutter totaal verschoond blijven van zwartkruitddampen. En dat is echt een pre in de wereld van de schietsport.


Afzuiging
Op de 25 meter baan heeft de afzuiging het soms iets moeilijk, maar de kaarten zijn steeds goed zichtbaar gebleven en Hildo heeft nauwlijks zwartkruit kunnen ruiken Het werkt erg goed en daarnaast mag u niet vergeten dat er acht Rolling Block geweren naast elkaar staan te schieten. Dat zijn acht achterladers en dan wil het gewoonlijk wel vollopen. De plaats van de inblaas is uitermate belangrijk voor het creëren van een goede luchtstroom die de rookwolken correct afvoert. Hoewel deze zich boven de schutter bevindt, valt de tocht, zeker gezien het frisse jaargetijde, reuze mee. Het is SV Het Karabijntje uitermate goed gelukt en de afzuiging krijgt van Hildo een dikke pluim. Een soortgelijke oplossing zou in Hoogeveen heel gemakkelijk doorgevoerd kunnen worden én zou haast niets hoeven te kosten... Win-win?


Muriëlle en het punten tellen
Mark en Rob zijn druk bezig op de schietbaan om alles in goede banen te leiden en ze zijn ook niet te beroerd om af en toe zelf ook een kaartje te knallen. Muriëlle is, als mede-organisatrice, verantwoordelijk voor de puntentelling. Zeer belangrijk, want wat is een wedstrijd zonder dat er iemand wint? Dat doet zij geheel alleen, snel en foutloos door een speciaal nummersysteem. Wel onder tijdsdruk, maar zonder rekenmachine, computer of stress. Ze heeft af en toe zelfs tijd om een babbeltje te maken, maar niet vaak want de deelnemers perforeren natuurlijk lustig in hoog tempo kaarten.


De prijzentafel
Dit is slechts één van de twee tafels, dus met de prijzen zit het wel goed. Muriëlle vertelt dat de 5 euro die voor een schietbeurt wordt gevraagf, na aftrek van de kosten, geheel ten goede komt aan de prijzentafel. Voor schutters door schutters, zonder strijkstokken. Vanwege de lange rit naar huis heeft Hildo besloten de prijsuitreiking niet af te wachten. Hij doet dat niet graag, maar na zijn herseninfarct is hij veel sneller moe. Hij vindt het echt jammer, hij was er graag bij geweest en niet eens voor de prijzen.


Trofeeën
Op deze foto is slechts een gedeelte van de bekers in het clubhuis te zien. Het lijkt er op dat SV het Karabijntje er zeker niet altijd naast schiet!


Rolling Block wedstrijdpistool
Dit pistool is van Mark en in totaal hebben vijf deelnemers, onder wie Hildo, er mee geschoten om er een echte wedstrijd van te maken. Dat Hildo mee mocht doen vindt hij fantastisch en hij bedankt Mark vanaf hier nogmaals voor zijn aanbod. Van de vijf deelnemers wist Hildo met 82 punten de tweede plaats te behalen. De winnaar schoot er zelfs 91 mee!
Uit 1896
Het eerste Remington Rolling Block pistool kwam in 1865 op de markt, zelfs nog voor de geweren die in 1867 het levenslicht zagen. De Rolling Block, in pistool of geweer, waren militaire wapens en in de eerste versies van het kaliber .50 randvuur. Het pistool van Mark is geen militair wapen, het is puur gemaakt als wedstrijdwapen en heeft daarom een superlange loop van 14 inch en is gemaakt in het kaliber 32-20. Dat is een relatief klein, maar wel mooi patroontje. Het lijkt in de verte wel wat op een slankere versie van een 357 Magnum, maar het schiet prima. Niet te hard, niet te zacht en ondanks dat dit wapen een loop heeft met wat pitting doet dat aan de precise helemaal niets af. Hildo´s Rogers & Spencer revolver heeft hetzelfde: pitting in de loop en daardoor lastig schoon te krijgen, maar net zo zuiver als de schutter die er achter staat. 'Antieke wapens hebben wel wat', mijmert Hildo. 'Meer dan 100 jaar oud en nog steeds minstens net zo veel plezier eraan als de eerste eigenaar destijds had'.
                ____________________________________________




9 maart 2016. Even serieus puntjes melken met de Shadow

Hildo heeft dit pistool voor de discipline IPSC (parcoursschieten), maar daar is hij al een poosje niet meer mee bezig geweest. Wedstrijden in deze discipline zijn altijd erg ver weg en Hildo moet sinds vorig jaar ook rekening houden met wat gezondheidperikelen. Maar de Shadow schiet uitermate fijn en behoorlijk precies. Vandaag schiet Hildo zelfs twee heel aardige kaarten, vindt hij zelf, ondanks dat dit de eerste keer is dat hij dit jaar met het pistool schiet. De eerste kaart zelfs bijna alles in het zwart. De puntenaantallen zijn niet om over naar huis te schrijven, maar daar ligt Hildo niet wakker van. En u vast ook niet.



Achterste gedeelte grendel
Het geheim van de naald! Het achterste gedeelte van de grendel (grendel, in het Frans 'chien' = hond). Hierin zit het ding met schroefdraad (écrou culasse), de hoofdveer (ressort culasse), de naaldhouder (porte aiguille) en de naald (aiguille percussion). Het speciale gereedschap, dat Hildo gemaakt heeft van een 8 mm steeksleutel, heeft u nodig om het ding met schroefdraad (écrou culasse) aan te draaien om het achterste gedeelte van de grendel in het voorste gedeelte, de grendel zelf, te kunnen monteren.



Naald in de naaldhouder
Zo werkt het, simpel maar effectief. Door het dikke gedeelte kan de naald niet uit de grendel vallen. Als u zelf een naald wil maken: het verdikte gedeelte mag niet te dik en niet te lang zijn. Anders is het niet mogelijk de naaldhouder met naald op de 'guide ressort' te schuiven.


Ontspannen grendel
Hier ziet u de grendel in ontspannen toestand, nadat u geschoten heeft als het ware. Dat is ook het enige moment dat de naald zichtbaar is. Met de grendel in het wapen is de naald nooit zichtbaar omdat, als u de grendel opent, het wapen gespannen wordt.



Zelf een Chassepot naald maken
Hildo is niet zo handig, maar hij wil een nieuwe naald maken en daarmee gaan schieten. Hoewel de oude vast geen originele naald meer is, wil hij hem toch graag bewaren.
Hoe een Chassepot naald te maken?
Ene Jan N, eveneens eigenaar van een Chassepot en niet te beroerd om zijn kennis te delen, heeft dat Hildo haarfijn uit de doeken gedaan. Als naald gebruikt hij 1,5 mm verenstaal, zonder dit te harden. Een messing buis met een 1,6 mm binnen- en een 3 mm buitendiameter gebruikt hij om het 'voetje' aan de naald te fabriceren. Die zilversoldeert hij aan de naald vast. Jan N maakt zijn naald 174,5 mm lang. De naald in Juliette is slechts 170 mm. Hoe langer de naald, hoe groter de oppervlakte die aan het brandende buskruit wordt bloodgesteld. Een zo kort mogelijke naald lijkt Hildo daarom het best, maar hij moet het percussiekapje natuurlijk wel goed genoeg raken om betrouwbaar te kunnen ontsteken, iets om mee te experimenteren. Hildo heeft inmiddels 1.5 mm verenstaal aangeschaft, een meter, genoeg voor 5 naalden, én een meter van zo'n messing buis, genoeg voor honderden naaldvoetjes. Op het soldeer na zou hij nu verscheidene naalden moeten kunnen maken. Te zijner tijd uiteraard omdat een zwartkruitschutter geen haast heeft.
Afdichtingsrubber dan?
Daarvoor heeft Jan N eveneens een oplossing: drie op elkaar gelijmde kraanrubbers van de Karwei. De 3/8 olieleidingen van een Harley, die Hildo in gedachten had, blijken een te kleine buitendiameter te hebben. Hildo gaat maar even naar kraanrubbers kijken. Maar het is wél leuk hè, zo'n Chassepot? Nog weer later komen de papierpatronen die hij zelf moet maken... maar dat is weer een héél ander verhaal, en dat komt nog.




Opkomst
Historische kleding is niet wat de mensen hier dragen, blijkt, maar Hildo mag in zijn cowboykloffie toch gewoon meeschieten hoor! Waar u bij een regulier westerntreffen de schutters veelal in de kantine vindt, ligt dat hier iets anders. De drive tot schieten blijkt hoog. Hoeveel mensen er uiteindelijk zijn geweest weet Hildo niet, maar waarschijnlijk zal het rond de dertig deelnemers uit Nederland, Duitsland en Luxemburg zijn geweest. Hildo is verteld dat een aantal Engelse schutters door omstandigheden helaas hebben moeten afzeggen. Een internationaal gebeuren deze wedstrijd dus en. U weet dat de grootste treffens niet de beste hoeven te zijn! In Grubbenvorst zijn ondanks het beperkt aantal schutters soms alle acht 25 meter banen bezet. De deelnemers van deze Rolling Block wedstrijd komen natuurlijk ook voor de gezelligheid, maar zeker ook om te schieten en dat weet Hildo wel te waarderen.


50 meter
In één enkele ondergrondse tunnel vindt u vier 50 meter banen, daarnaast acht 25 meter banen, alle voorzien van elektrisch kaarttransport.


Kantine
Een complete keuken, waar de fijnste broodjes hamburger gecreëerd worden. Verder een bar, verschillende tafeltjes en het is er heerlijk warm. Het clubhuis heeft ook nog een prima onderhouden heren- én damestoilet. Het is allemaal verbazingwekkend goed voor elkaar, zeker gezien het ledenaantal van deze vereniging.


Met de hoogste precisie
Hildo, als vertegenwoordiger van de provincie Groningen, zet in het Limburgse Grubbenvorst natuurlijk zijn beste beentje voor. Twee series schiet hij, dan zijn de patronen op. Met zijn beste serie schopt Hildo het uiteindelijk van de achttien deelnemers tot de vierde plaats in de klasse 'militair'. En daarmee is hij, zeker gezien het deelnemersveld, bijzonder in zijn nopjes!
Richtpunt
Met een revolver moet u op langere afstand wat lager richten om de opslag meer te compenseren. Maar op de kortere 25 meter blijft het richtpunt van Tijgertje gewoon onderkant zwart.



Schieten op de 25 meter
De Rolling Block wedstrijd wordt verschoten op 25 meter, ondanks de aanwezigheid van vier 50 meter banen. Omdat de deelnemers zoveel plezier in het schieten hebben, is het beter de wedstrijd op 25 meter te laten verlopen omdat daarvan een dubbel aantal is, er zijn namelijk acht 25 meter banen. Door het gebruik van kleinere kaarten wordt een '50 meter effect' gecreëerd. Tijdens het richten ziet het er daadwerkelijk als 50 meter uit omdat het zwarte gedeelte van de kaart zo klein is. Vanwege de grote diameter van de kogels worden er maar 6 schoten op een kaart gedaan om te voorkomen dat de punten niet meer te tellen zijn, dus 12 schoten per schietbeurt verdeeld over twee kaarten. Het werkt in de praktijk uitstekend en zoals altijd... de beste schutter wint!
                  ___________________________________________



9 maart 2016. Schietkaart Eleanor
Voor sportschutters geldt: iedereen doet z'n best, maar de ene is beter dan de ander. Hildo vindt zichzelf behoorlijk gemiddeld. Dat is hem al duidelijk sinds zijn militaire diensttijd waar zijn scores met de UZI pistoolmitrailleur ten opzichte van de andere, op dezelfde manier getrainde, dienstplichtige militairen 'gemiddeld' waren. Talent, dat is het uitgangspunt en als u er veel van hebt mag u zich gelukkig prijzen. Invloed op uw talenten heeft u gelukkig, wel want als u veel oefent kunt u als middelmatig getalenteerde boven uzelf en al die andere middelmatigen uitstijgen. Da's toch weer mooi, of niet dan? Het verklaart evengoed niet de resultaten op de kaart hierboven. Met 76 punten schiet Hildo ruim onder zijn gemiddelde. Vandaag kon hij het geweer domweg niet zo stil houden als anders en hij begrijpt nog steeds niet wat deze verschillen precies veroorzaakt. Dat houdt het ook interessant, u weet nooit wat u te wachten staat op de baan, want... heeft u uw dag wel?


11 maart 2016. Chassepot grendel perikelen
Juliette, Hildo's Chassepot naaldvuurgeweer, is niet schietvaardig. Zij heeft geen naald en geen afdichtingsrubber (in het Frans obturant = afdichting en caoutchouc, spreek uit 'kaoetsjoek' = rubber), dus het wordt tijd om de grendel te inspecteren om te zien wat daar aan valt te doen.
Met geopende grendel is het wapen gespannen
Al met iets nieuwere geweren dan de Chassepot gaat het spannen automatisch wanneer de grendel geopend wordt. Met dit oude Mle 1866 systeem moet de haan eerst gespannen worden alvorens de grendel kan worden geopend. Omdat de naald de patroon pas mag bereiken op het moment dat u de trekker overhaalt, is de naald natuurlijk nooit zichtbaar bij geopende, dus gespannen, toestand. Omdat hij geen naald zag en hem eerder ook al verteld was dat deze ontbrak, trok Hildo de foute conclusie dat er geen naald in zou zitten.
Grendel eruit halen en ontspannen
Om de grendel uit het geweer te halen, moet u de bout losschroeven die u rechts op de grendel ziet zitten. Daarna is de grendel zo naar achteren te schuiven en uit het geweer te verwijderen. De trekker even aantrekken op het moment dat u de grendel verwijdert helpt om de grendel vlotjes uit het geweer te verwijderen. Op het moment dat de grendel uit het geweer is, kan de haan/hoofdveer ontspannen worden. Op dat moment wordt de naald zichtbaar. En tot verbazing van Hildo zit hij er in! De rubberen ring die voor de gasafdichting moet zorgen, mist op dit moment nog steeds.


Speciaal gereedschap
De grendel uit elkaar halen wil nog wel, maar om de grendel weer in elkaar te schroeven heeft u speciaal gereedschap nodig. Een 9 mm steeksleutel wil wel, maar is iets te groot. Een 8 mm exemplaar is iets te klein. Bovendien zijn beide veel te dik en moet er aan beide zijden van de bek behoorlijk wat afgehaald worden.


Grendel gedemonteerd
Zoals hierboven afgebeeld passen beide grendelhelften in elkaar. De naald komt uiteindelijk uit in de naaldgeleider waar ook het rubber hoort te zitten dat voor de gasafsluiting zorgt als het schot afgaat. Het principe is dat tijdens het schot de rubberen ring platter gedrukt wordt en daardoor rondom uitzet zodat de schutter geen gasdruk in het gezicht krijgt tijdens het schot. Bij geweren met een messing huls zorgt de huls voor de gasafdichting, maar bij een papierpatroon werkt dat uiteraard niet zo. Dat was het grootste probleem zonder messing huls: het goed afdichten van de grendel zodat de gasdruk alleen aan de voorkant de loop verlaat. Naar verluidt had het Pruissische Dreyse naaldvoorgeweer daar een behoorlijk probleem mee.


Grendel monteren (ontspannen)
Dit is de stand waarin u het achterste gedeelte van de grendel kunt monteren of demonteren door het ding met schroefdraad (écrou culasse) in of uit het voorste gedeelte van de grendel te schroeven met het speciale grendelgereedschap (de aangepaste 8 mm steeksleutel).
Let op
Zorg ervoor dat u de grendel ontspant als u het uit het wapen gehaald hebt, dan staat er geen spanning op de veer. Ook bij montage dient u de twee gedeeltes aan elkaar te schroeven met een ontspannen hoofdveer.


Grendel vastdraaien
Hiervoor heeft u een extra smalle sleutel nodig, een gewone steeksleutel is te dik. De maat lijkt tussen de 8 mm en 9 mm in te zitten. Hildo heeft een 8 mm steeksleutel wat groter gemaakt en dat gaat. Het is natuurlijk niet de bedoeling dat het wapen beschadigd wordt. Hildo is erg voorzichtig met dit stukje fantastische antieke techniek.


Exploded view Chassepot (klik afbeelding groter)
 'Papa fume une pipe' en 'La fenêtre est ouverte', dát weet Hildo nog van school, maar daar heeft hij niet zoveel aan als hij met zijn Chassepot bezig is. Een exploded view (technische tekening) is wel handig om er bij te hebben, het verduidelijkt de verschillende onderdelen die er in dit geweer zitten én het is tegelijk een bijspijkercursus in de Franse taal... alleen zinvolle woorden uiteraard.


16 maart 2016. Olga in de limp-home mode
Een moderne auto waarbij er een probleem is tussen de communicatie van bijvoorbeeld een sensor en de computer die alles aanstuurt, komt in een zogenaamde limp-home mode te staan. Een soort van strompel-naar-huis instelling zodat de auto nog wel kan rijden, maar niet met zoveel power als normaal. Alles om verdere schade te voorkomen. Strompelen doet Olga ook, ondanks dat er geen computer of maar een enkele chip in haar te vinden is.
Niet meer vijlen
Hildo is weer aan het vijlen geweest, maar dit lijkt niet de weg naar succes want van enige verbetering is geen sprake. Het probleem zit duidelijk ergens anders. Normaal repeteren zit er in ieder geval nog steeds niet in. Het gaat goed nadat Hildo het wapen spant, want dan gaat het elke keer wel af. Bij het tweede schot weigert Olga en komt er niet meer dan een klein deukje in het slaghoedje, te klein om de patroon af te laten gaan. Daarom moet er na elk schot een nieuwe patroon ingelegd worden en Olga handmatig gespannen. Zo kwam Hildo tot bovenstaande resultaten. Maar ongelukkig schieten blijft het. Olga moet naar believen kogels kunnen spuwen, het is geen enkelschots geweer van 140 jaar oud, nietwaar?
Binnenkort nogmaals naar kijken.

 Verder met Claudette! 
Claudette is de Franse Gras Mle1874, de jongste van 'De Drie Gezusters'. Hildo heeft de gezusters al ongeveer een jaar in bezit, maar nu is het zover: hij gaat aan het herladen en... er zelfs mee schieten! Claudette staat te trappelen van ongeduld!
           _________________________________________________



20 maart 2016. 11x59R Gras shell holder
Geweerpatronen uit dezelfde tijd lijken allemaal wat op elkaar, maar om het u als herlader moeilijk te maken is destijds besloten alle munitie net iets anders te maken. Tenminste, daar lijkt het soms wel op. De shell holder voor het kaliber 11x59R Gras is een speciale van RCBS. Zo speciaal dat ie niet eens op de RCBS hand priming tool past, want de diameter is te groot. Die RCBS hand priming tool gebruikt Hildo altijd om de slaghoedjes in de hulzen te knijpen. Lastig... want hoe krijgt hij nu de slaghoedjes de hulzen in?


CH4D 11x59R Gras die-set
Ook al bij de Drie Gezusters gekregen: een zeer nette die-set van CH-4D. Handig om full-length te sizen, mocht dat nodig zijn. Dit kan het geval zijn omdat hij zowel Claudette de Gras als Bernadette de Chassepot-Gras heeft. De kamerafmetingen van beide wapens zijn vast niet identiek en het is derhalve goed mogelijk dat de hulzen niet meer passen in het ene wapen als ze in het andere (met de grotere kamer) verschoten zijn.


11x59R Gras hulzen
High-end Technology, toentertijd. In het moderne klein kaliber van maar 11 mm en ook toen al voorzien van een 'flessenhalshuls' voor een serieuze lading kruit zonder dat de lengte buiten proporties groot wordt. Er past in ieder geval meer in dan in een 45-70. Hildo heeft deze hulzen bij de geweren gekregen, 25 stuks, en ze bestaan uit drie verschillende merken. Wat Bertram hulzen, wat ongemerkte hulzen en een aantal die wel gedraaid lijken te zijn. Dat betekent verschillende lengtes, diktes, etc. Lastig wanneer u een die-set gebruikt, want die stelt u af op een serie hulzen die in principe dezelfde maat moeten hebben. Dus een serie hulzen van dezelfde fabrikant, die even vaak verschoten zijn. Om verschillen uit te sluiten is het zelfs het mooist een serie gloednieuwe hulzen van dezelfde batch te hebben. Maar Hildo maakt het niet zoveel uit. De schietresultaten zullen uiteindelijk toch het meest aan de schutter liggen, denkt hij.


Overzicht
Gewoon leuk om even te zien. Van links naar rechts 8x60R Kropatschek, 11x59R Gras, 45-70, 12.7x44R Rolling Block en twee moderne nitrokruit exemplaren: de 7.62x39 (Kalashnikov) en de natuurlijk de 9x19 Luger (pistool). De Gras patroon is een forse waar misschien wel meer dan 75 grain in zou passen.
De Noorderlicht Kropatschek kogel!
Jazeker... een zelfgegoten deelmantel Kropatschek kogel! Voor de foto heeft Hildo 'm even los in de huls geduwd. Hildo heeft 'm niet zelf gemaakt en niet eens bedacht, daarvoor is ene Meneer Noorderlicht verantwoordelijk. Een man met een goed verstand, veel technisch inzicht, twee rechterhanden en u kunt hem zelfs creatief noemen. Tezijnertijd gaat Hildo weer met Antonia, de Kropatschek, aan de gang, want die schiet nog steeds niet goed met full-power ladingen. Net zoals alle andere Kropatscheks. Dan zult u ook kennis kunnen maken met de probeersels en bedenksels van Meneer Noorderlicht... en het is de moeite waard!


23 maart 2016. De eerste schoten met Claudette
Een Gras is een prima geweer, net zoals de Mauser M71 dat was. De Gras is zelfs nog, weliswaar beperkt, ingezet in de Eerste Wereldoorlog en in Griekenland heeft het verzet ze gebruikt tegen de Duitsers. Daardoor heeft de Gras daar zo'n goede naam opgebouwd dat, net zoals Luxaflex in Nederland, de productnaam en merknaam inelkaar verweven zijn. In Griekenland heet elk oud geweer dus 'Gras'. Mooi verhaal, maar of het helemaal klopt weet Hildo niet.
De punten
'Nou, dat lijkt nergens op', denkt u nu vast. Gedeeltelijk waar, want er zijn nogal wat behoorlijke afzwaaiers. Hildo moest even weten waar het geweer uitkwam en heeft daarom gebruik gemaakt van de baankijker. Toen hij dat wist, mikpunt is precies het midden van de onderkant van de kaart, schoot hij de rest allemaal in het zwart. Het valt dus reuze mee en Hildo voorspelt dat hij binnenkort meer dan 80 punten met dit geweer gaat halen.
Hoe schiet ze?
Zwartkruitgeweren schieten allemaal een beetje hetzelfde natuurlijk, maar er zijn best wel kleine verschillen. Met 60 grain en een 355 grain kogel is er een goed merkbare terugslag, maar niets extreems. De grendel werkt goed, maar de trekker gaat, hoewel niet bijzonder zwaar, wel een beetje krakerig. Hildo gaat er niets aan doen, zo is dat nu eenmaal en het hoort bij het geweer. Iets om aan te wennen en zo heeft elk wapen een eigen karakter. Over het geheel genomen is Claudette erg leuk om mee te schieten en met de precisie lijkt niets mis.
Schoonmaken dan?
Erg gemakkelijk met een achterlader. Bij een Rolling Block kunt u de laadklep openzetten en bij een grendelgeweer verwijdert u eerst de grendel. Van achteren de loop in met een poetsstok. Eerst de kamer schoonmaken, die komt u het eerst tegen. Verder in de loop schuift het vuil mooi voor de poetsstok aan. Op die manier belandt er niets in het mechanisme en beschadigt u de loopmonding niet. Ook belangrijk... wapens met een gepitte loop zijn vrijwel niet schoon te krijgen. Hoewel Claudettes loop niet helemáál nieuw is, spiegelt de loop wel en met vier lapjes was ze zelfs alweer schoon! Een wezenlijk verschil met veel andere zwartkruitwapens waarbij bij het schoonmaken heel wat meer doekjes gebruikt moeten worden, zelfs bij nieuwe replica's. Kortom: Claudette is vlot en goed schoon te maken!



23 maart 2016. En deed Olga het?
Nou, Hildo had 40 patronen mee en er hebben verscheidene mensen met Olga geschoten en het ging prima! Toen was Hildo aan de beurt. De eerste vijf schoten waren okay, maar bij de tweede serie van vijf patronen had hij weer een weigering bij elke patroon. Alweer niet goed dus en bij de laatste vijf patronen heeft Hildo elke keer het magazijn moeten verwijderen om de weigerende patroon uit de kamer te halen. Erg vervelend.
Dan Marcel
Dan Marcel nog even, 'Elf patronen over... zinloos om te proberen', beweert Hildo nog met trillend onderlipje... Maar ze doen het bij Marcel wél allemaal, en met 72 punten schiet ie nog een punt meer dan Hildo ook! Maar de irritatie over het haperen van Olga, te pas en te onpas blijkbaar, is groeiende en dat in hoog tempo!
Prullenbak?


30 maart 2016. Of de duvel er mee speelt
Niet schoongemaakt sinds de laatste keer, behalve de loop even doorgehaald. Hildo laat er een dame mee schieten en tijdens 20 schoten heeft zij slechts twee weigeringen. Dan komt Hildo, drie schoten gaan goed gevolgd door twee weigeringen. Dan laat hij een ander weer met de CZ schieten. Hij knalt er vijf door, zonder problemen. Dan Hildo weer... en nu weigert Olga na elk schot. Ditmaal had Hildo zelfs alleen een T-shirt aan (ook een broek en schoenen natuurlijk), zodat het geweer geen problemen zou kunnen geven door te veel demping tussen kolf en schouder door een dik overhemd en jas. Als een pistool erg slapjes wordt vastgehouden, kan het ook weigeren omdat het daardoor niet fatsoenlijk kan grendelen. Nog meer kleren uit tart de fatsoensnormen. Bovendien denkt Hildo dat het probleem ergens anders ligt. Blijft alleen de vraag... waarom wel bij Hildo en (vrijwel) niet bij anderen? Kan een geweer een principele hekel aan Hildo hebben? Nee, toch?




20 maart 2016. Slaghoedjes erin drukken op de Rock Chucker pers?
Hildo heeft z'n  Rock Chucker al sinds de aanschaf van de BFR revolver, omdat hij daar 45-70 munitie voor moest herladen. Er zat iets bij om de huls te kunnen primen (van een slaghoedje te kunnen voorzien), maar hij heeft het spul toen aan de kant gelegd om er daarna nooit meer naar te kijken. Om slaghoedjes erin te drukken had hij immers zijn RCBS hand priming tool. Met het kaliber 11x59R Gras lijkt het nu een goede optie om de Rock Chucker als priming tool in te zetten en... de destijds voor hem ondefinieerbare accessoires liggen zowaar nog steeds in dezelfde twee plastic zakjes op precies dezelfde plek waar hij deze acht jaar geleden heeft laten liggen. Bijkomend voordeel als u niet zo vaak opruimt: u kunt het altijd weer vinden! Vertelt u dat maar aan uw vrouw.
Het primen
Het is simpel, zoals u op de bovenste foto's kunt zien. Het veerondersteunde cupje dat het slaghoedje op z'n plek houdt, wordt naar beneden gedrukt als u de huls primet met het naar bededen drukken van de ram. Simpel. De Rock Cucker is met twee cupjes geleverd, eentje voor large rifle/pistol en eentje met een iets kleinere diameter voor small rifle/pistol.
Gaat het primen lekker of een beetje... zwaar?
Hildo's voorkeur gaat uit naar de RCBS hand priming tool, gaat sneller volgens hem. Overigens zijn de (drie verschillende merken) Gras hulzen zeer lastig te primen, het gaat erg zwaar. Totdat Hildo met een papiertje, voorzien van een fractie olie, even door de primer pocket heen gaat. Dan gaat het opeens een stuk gemakkelijker. Of het echt zo zwaar gaat? Hildo denkt van wel, want de Dillon XL650 pers, die ook primet als de ram naar beneden gaat, gaat stukken lichter. Ofwel een fout design in de krachtoverbrenging van RCBS of de hulzen zijn niet lekker.


11x59R Gras patronen
Niet zo moeilijk te maken, het lijkt natuurlijk erg op andere munitie. Maar om niet te veel krimp te geven, moet de krimp-die vrij hoog in de pers. Omdat het krimpen en kogel zetten in dezelfde die gebeurt, staat de kogelzetter zelfs zo diep mogelijk, de kogel is dus niet dieper te zetten met deze die. Beetje vreemd, want de CH4D die-set is gemaakt voor een kogeldiameter van .446" en dat is toevallig precies de diameter kogel die Hildo heeft gegoten met het 446-355 Rapine gietblok en zo extreem kort is de kogel nu ook weer niet. Hmmm.
Lading
Die extreem gereduceerde ladingen, vindt Hildo maar niets. Bovendien is het Bessemer type gietstaal dat voor de lopen van deze geweren gebruikt is, van stukken hogere kwaliteit dan bij de oudere voorladers. Het omslagpunt ligt rond 1860, meent Hildo zich te herinneren, toen ene Henry Bessemer een procedé ontwikkelde om een betere kwaliteit staal te produceren. Hoe dan ook, Hildo gaat nu eerst voor 60 grain Explosia 0 (FFFG). Explosia 1 (FG) heeft hij even niet, maar de fijnere granulatie van dit kruit doet het vast prima, net zoals bij Eleanor, de .45 voorlader, en erg sterk is het ook niet. Dat gaat wel goed komen. De huls is nog niet vol en Hildo gooit er nog een vetpil in om het kruitresidu in de loop zachter te houden (dat werkt altijd goed) en vult de huls verder af met rijst. Dat laatste is lekker licht, goed samenpersbaar met de pers en het neemt natuurlijk vocht op en is daardoor een vochtvreter binnen in de patroon.



23 maart 2016. Ladiedadiedah... Claudette, dadahdaaaaa... Claudette
Hildo staat op de baan en hoort in zijn hoofd het lied 'Claudette' van Roy Orbison. Hij hoort het zelfs nu hij dit schrijft, hoe kan het hè? Roy kwam een beetje week over, maar kon knap zingen. Claudette daarentegen zingt iets eentonig, maar is wel toonvast. En als zij iets zegt, luistert u, of u wilt of niet want aan haar volume heeft Roy nooit kunnen tippen.
Verkeerd om grendelen
Dat grendelen met de rechterhand, terwijl Hildo aan de linkerschouder schiet, is ongelukkig. Binnenkort leren grendelen met de rechterhand met het geweer links van het lichaam. Dit is Hildo's eerste eigen grendelgeweer, het verkeerd om grendelen moet hij zich nog aanleren.
Nu de laatste patroon van de serie, gaat mooi hè?


Hulzen reinigen
Eenmaal weer thuis, is er meer schoon te maken dan het geweer: de hulzen. Dat is dan ook het punt waar een voorlader het onmiddellijk wint van een achterlader. Hildo gooit de hulzen in een fles warm water met afwasmiddel. Even goed schudden, dan hoeven ze niet direct schoongemaakt te worden. Hulzen zijn gevoelig voor corrosie als u ze vergeet of gewoon laat liggen. Maar een nachtje laten weken in  afwaswater is geen probleem. Daarna even in de ultrasoon met afwasmiddel en een klein scheutje azijn, daarna weer goed spoelen om het zuur te neutraliseren en ze kunnen op de kachel om te drogen. Primers eruit halen doet Hildo later.


23 maart 2016. Is 't 'm wel of is 't 'm niet?
Olga is schoongemaakt door Marcel van de Wapenkamer te Hoogeveen, Hildo moest daar toch zijn vanwege iets anders. Marcel heeft de zuiger, die het grendelblok terugduwt, en het gaatje boven in de loop dat de gasdruk levert om automatisch te grendelen, schoongemaakt. That was it. 'Misschien doet ie het nu wel', zei Marcel nog.
 

30 maart 2016. Claudette Full Power!
Hildo heeft 25 hulzen, dus net één te weinig voor twee complete series. Vandaar dat de eerste (rode) serie uit slechts 12 schoten bestaat. De andere hulzen heeft Hildo geladen met 75 grain kruit plus een vetpil, hij is benieuwd hoe Claudette full power schiet. Meer afwijkingen? Hildo denkt van niet, want deze voormalige militaire geweren zijn natuurlijk gemaakt om full power te schieten én wat te kunnen raken op behoorlijke afstanden.
Rode gaten
Dezelfde patronen als vorige week, met 60 grain kruit, vetpil en rijst als vulmiddel. De twee afzwaaiers tellen niet mee. Er zitten precies vijf stuks in de 9. Ondanks dat Hildo maar 12 patronen heeft en vandaag niet al te stabiel lijkt te staan toch nog 82 punten: met dit geweer is helemaal niets mis.
Blauwe gaten
Een vrijwel full power lading met 75 grain kruit, een vetpil met daarop de kogel. Past precies. Zonder vetpil had er zeker 80 grain ingepast. De officiële lading destijds was dan ook 5,25 gram (81 grain) volgens een Franse site. Dit zijn serieus grote hulzen! Van de 13 patronen zitten er maar 12 gaten in de kaart. Mogelijk heeft Hildo de kaart gemist, maar waarschijnlijker is een dubbelschot. U mag het zeggen. Als richtpunt is, net als bij de rode gaten, de onderkant van de kaart aangehouden. Het valt Hildo op dat het groepje eigenlijk niets groter is dan bij de eerste serie. Ook full power lijkt Claudette prima te schieten. De terugslag is nog erg binnen de perken, ondanks dat er toch een 355 grain kogel weggeblazen wordt. De klap is niet de typische boeeeem die u gewend bent bij zwartkruit. Het is toch een wat meer knetterende klap, een beetje als bij nitro. En dat terwijl Hildo toch schiet met goedkoop en relatief zwak Explosia kruit. Dit soort ladingen dwingt respect af en het is maar goed dat er een kaart aan de andere kant hangt en de kogel verder niets raakt. Hij krijgt al medelijden met de ongelukkige die zich in de baan van een Gras kogel zou bevinden... echt. Boe voor oorlog, hoera voor de schietsport! Dat is wat Hildo er van denkt.
Schoonmaken
Ook na twee series, waarvan eentje met volle lading, is Claudette nog steeds goed en vlot schoon te maken, zonder enige ellende als loodsporen in de loop of iets anders. Toch is er niet eens een paper patched kogel gebruikt maar gewoon de 446-355 Rapine kogel, een ingevette en eentje van van puur zacht lood ook nog. Dat Frankrijk vol zit met Fransen kan soms vervelend zijn en die roestende Franse vehikels zijn voor altijd in Hildo's geheugen gegrift. Maar wat u ook van de Franse slag kunt zeggen... het heeft geen enkel invloed gehad op de Gras Mle 1874. Ook na meer dan 140 jaar schiet het nog net zo goed als een vers stokbroodje smaakt!

Verder met Bernadette!

Bernadette is het Franse van Chassepot naar Gras geconverteerde geweer, de Fusil Mle 1866-84 Chassepot-Gras. Zij zag het levenslicht in 1867 en is daarmee de oudste van 'De Drie Gezusters'. Nadat zus Claudette mee mocht naar de schietbaan kan nu Bernadette niet wachten tot het zover is, 'Je suis vraiment excitée'!, kraait Bernadette. Hildo moest het even googelen, zijn Frans is niet zo best, maar het is iets als 'daar heb ik heel veel zin in'. Dat een oude dame nog zó enthousiast kan zijn, da's toch mooi hè?


3 april 2016. De Chassepot naar Gras conversie
Dit is wat ze gedaan hebben met Bernadette in, naar de stempels op de loop te oordelen, 1882. De oude Chassepot-kamer en een gedeelte van de loop is uitgedraaid om ruimte te maken voor een bus, met twee uitstekende 'oren' om verdraaien te voorkomen, die er ingezet is met een krimppassing. Deze nieuwe bus heeft inwendig de afmetingen van de Gras kamer, zodat de reguliere Gras patroon er in past. Natuurlijk is ook de grendel aangepast.
Helaas
Helaas is er, voor het plaatsen van die conversiebus, ook een gedeelte van de trekken en velden weggedraaid. Ongetwijfeld vanwege technische redenen want hierdoor heeft de kogel nu een langere vrije vlucht voordat ie in de trekken en velden terecht komt. Een lange vrije vlucht betekent over het algemeen een niet zo zuiver wapen, en dat wisten ze toen net zo goed als nu. In hoeverre er met Claudette nog iets te raken valt, zal de zeer nabije toekomst uitwijzen.


Full length sizer die
Hildo heeft het ding even uit elkaar gedraaid, want een full length sizer prikt ook gelijk het slaghoedje eruit. Dat is hier niet de bedoeling, want er zitten al nieuwe in. Zonder de binnenkant kunt u full length sizen zonder te decappen.


CH4D expander die, voor .443 inch?
Deze die geeft de hulsnek een tromp zodat de kogel geplaatst kan worden. Op de site van CH4D zag Hildo dat een 11x59R Gras die-set gemaakt is voor een 446 diameter kogel. Deze expander die is dat dus niet en de rest van de die-set waarschijnlijk ook niet, vandaar wat probleempjes met de krimp-die. Misschien een speciale bestelling geweest? In ieder geval geeft deze expander die niet voldoende tromp om de maar iets grotere 446-355 Rapine kogel te kunnen zetten. Niet getreurd, Hildo heeft nog z'n universele LEE expander-die en die doet ze bijna allemaal! Van .22 tot .45 ofzo. Echt een aanrader voor de herlader die soms iets buiten het reguliere gebeuren herlaadt en tegen dit soort dingen aanloopt.


Ze passen!
De eerste patroon even inelkaar drukken en dan passen in het geweer. Ook met de 446" diameter kogel glijden ze probleemloos de kamer van Claudette in. Van tevoren passen is belangrijk want het is uitermate vervelend om er pas op de schietbaan achter te komen dat een hele serie munitie niet goed is. De kogel zit wel erg strak in de hulsnek en het is duidelijk is te zien tot waar de kogel zit. Komt doordat dit een die-set is voor een .443" kogel, denkt Hildo.
60 grain kruit
Ditmaal zijn de patronen geladen met 60 grain Explossia 0, een vetpil en als vulmiddel '7 granenontbijt' van de Aldi, een soort Bambix.


6 april 2016. Precisie met Bernadette?
Geweer klaar, munitie klaar en een goed humeur meegenomen. Wat kan er nu nog missen? De kogel in de tien? Hildo gaat er goed voor staan, dan hoort hij opeens het lied 'Bernadette' van Gruppo Sportivo (van welke band hij zelfs de elpee 'Back to 78' heeft, met daarop dit nummer), maar hij laat zich niet afleiden door het deuntje in zijn hoofd... ontspanning, ademhaling, lucht uitblazen, vasthouden en langzaam de trekker naar achteren halen. Er kraakt niets, geen andere opmerkelijke zaken... Boem! Het schot valt onverwacht, geen laatste kraakje of ander te overwinnen drukpunt. Deze trekker loopt natuurlijk niet zo licht als een wedstrijdtrekker, maar wel erg soepel. Stukken beter dan bij Claudette, als Hildo de dames even mag vergelijken.
Pompstok
Pas na een stuk of wat schoten merkt Hildo dat de pompstok naar voren is gegleden. De poging om de pompstok vast te schroeven loopt op niets uit. Lijkt wel of er geen draad meer in het geweer zit om de pompstok vast te houden.
Grendel
Bij een grendelgeweer moet u grendelen en het is prettig als dat soepel verloopt. Dat lijkt in mindere mate het geval bij Bernadette. De grendel lijkt wat te 'kiepen' tijdens het naar voren en achteren schuiven en loopt dan vast. Even iets bewegen en u grendelt al weer verder. Sluiten doet zij wel stevig en vast, niet dat het onveilig zou zijn. Bij het openen van de grendel moet de patroontrekker de huls naar achteren trekken. Dat gebeurt ook, maar halverwege de grendelactie laat Bernadette de huls vallen. Alweer scoort Claudette daar meer punten. Wat Hildo betreft heeft Bernadette geen tien met een griffel-grendel.
Enne... een camouflage legerjas?
Camouflage hoort niet bij een sportschutter. Het kan zelfs ongewenst zijn. Bij sommige disciplines zoals IPSC is het niet alleen ongewenst, u mag zelfs niet meedoen met camouflagekleding. Sommige mensen zijn het niet eens met deze stelling eens, anderen wel. In principe vindt Hildo dat camouflage inderdaad een militaire uitstraling heeft voor het grote publiek en een sportschutter mag nooit verwisseld worden met een soldaat, een sportschutter heeft zijn wapens voor de sport en niets anders. Waarom Hildo dan zo'n jas draagt? Dit is Hildo's wandeljas, want hij wandelt elke dag minimaal vijf kilometer in elk jaargetijde, zowel bij mooi als bij slecht weer. Deze jas is wind- en waterdicht met een uitknoopbare isolerende voering, heeft vier mooie grote zakken ook nog en dat alles gloednieuw bij de legerdump voor maar 35 euro. Hildo zelf heeft helemaal niets met het leger of camouflage, maar gaat u maar eens kijken bij de ANWB naar een fatsoenlijke wandeljas, hij heeft het gedaan. Zo maar 100 euro méér en Hildo is rap de winkel weer uitgewandeld. Voor dat verschil neemt hij de camouflagekleuren op de kop toe. Wel even uitkijken dat ie niet overreden wordt tijdens de wandelingen, want de vermindere zichtbaarheid krijgt u er gratis bij. En zo zit het met Hildo´s camouflagejas.


6 april 2016. Olga is aan de beterende hand!
Nogmaals twee series met Olga, waarbij het geweer laat zien dat zij toch wel over enige semi-automatische eigenschappen beschikt. Ditmaal staat Hildo weer in zijn t-shirt, maar heeft hij het geweer niet gewoon in de schouder, hij trékt het in de schouder. En opeens doet Olga 2x5 patronen zónder weigering. Nu wordt het schieten opeens veel leuker. De tweede serie probeert Hildo te schieten met de kolf haast iets van de schouder af, dat kan gemakkelijk zonder bestraft te worden want veel terugslag is er niet. Driemaal doet Olga het wél, dan een weigering. Hoe de laatste vijf schoten zijn verlopen, weet Hildo niet meer, er was wat afleiding op de baan, maar hij denkt nu de oorzaak gevonden te hebben. Wel een raar probleem. Olga zou het onder alle omstandigheden gewoon moeten doen, maar toch niet, blijkbaar. Als Olga het nu meer betrouwbaar doet, kan Hildo eens gaan werken aan de scores want als die een boom zouden vormen, was het een treurwilg.


3 april 2016. Te kleine kamer
De patronen zijn verschoten in Claudette de Gras en ze passen niet in Bernadette de Chassepot-Gras. Het is duidelijk te zien dat de kamer van Bernadette iets kleiner is dan die van Claudette want de huls past niet in, zie de foto hierboven. Voordat de hulzen in Bernadette gaan passen zullen ze full-length gesized moeten worden, een bewerking die de hulzen terugbrengt naar de originele fabrieks (buiten)maat.
Chassepot-Gras kamers zijn kleiner dan Gras?
Op een Frans forum werd er gesproken over de kamerafmetingen van de originele Mle 1874 Gras en geconverteerde Mle 1866-74 Chassepot-Gras geweren. Naar het schijnt, en dat zou dan in ieder geval voor alle te Saint-Etienne gebouwde modellen gelden, hebben alle geconverteerde geweren kleinere kamers dan de Mle 1874 Gras geweren. Zowel Claudette als Bernadette komen beiden uit St. Etienne en bovenstaand verhaal klopt, in ieder geval voor deze geweren. Bij de andere fabrikanten zijn de maten weer net iets anders, blijkbaar.
Enne... Handschoenen?
Als u denkt 'Waarom heeft Hildo nu van die witte handschoenen aan'? Geen smetvrees hoor, gelukkig niet anders kon hij wel verhuizen. Deze handschoentjes zijn goedkoop en voorkomen dat hij met z'n vingers direct het metaal van het wapen aanraakt wat naderhand roest veroorzaakt. Op deze manier kan hij een wapen beetpakken zonder direct weer met een doekje olie er overheen te moeten.

 En... met witte handschoenen aan ziet hij er nog sjiek uit ook.


Full length sizen
De bovenste ging goed, de onderste niet. Komt door ingesloten olijfolie, dat Hildo gebruikt om de hulzen te vetten. Hydraulische apparatuur is vreselijk sterk en dat komt ondermeer omdat olie een niet samendrukbare vloeistof is. Dus als u een huls sizet waar teveel olie op zit, krijgt u daardoor iets als op de onderste huls (zie afbeelding hierboven) want olie is niet samendrukbaar... maar de huls is dat wel. Hildo wist van dit effect en had al zeer weinig olie op de hulzen, maar toch gebeurde het nog een aantal keren. Lastig hoor. Een flessenhalshuls lijkt er gevoeliger voor dan een rechte. Wellicht logisch, want de nek is precies de plaats waar overtollige olie zich zal verzamelen. Te weinig olie en de huls blijft shocking klem vastzitten in de die. Heeft Hildo ook al een keer gehad en nóg een keer wil hij vermijden.
De laatste keer
Als het aan Hildo ligt is dit de laatste keer dat hij deze hulzen gesized heeft. Deze serie van 18 houdt hij apart voor de kleinere Bernadette-kamer en voor Claudette laat hij een een aantal ongesized en koopt hij er nog wel een set van 20 bij. Dan heeft hij voor Claudette zelfs genoeg voor twee series en voldoet voor beide wapens een simpele krimp. Het full-length sizen is echt een no-go, wat Hildo betreft, tenzij echt noodzakelijk. Bovendien is het vervormen van hulzen slecht voor de levensduur.


CH4D Gras Krimp-die
Krimpen en kogeldiepte zetten gebeurt in dezelfde die. Om de kogel op de goede diepte te kunnen zetten, moet de die wel erg diep in de pers gedraaid worden. Te diep en dat geeft onnodig veel krimp en de die raakt de kogel zelfs al. Waarschijnlijk omdat deze die-set voor een 443 kogeldiameter gemaakt is, en die van Hildo is 446" (11,33 mm). De kogelzetter zelf zit al zo diep mogelijk in de die. Om de krimp fatsoenlijk af te kunnen stellen en de kogel tóch diep genoeg te kunnen zetten, heeft Hildo - snelle oplossing - even wat papier in de kogelzetter geplakt met Bisonkit. Gaat al stukken beter. Later vult hij hem wel een keertje op met wat tweecomponentenlijm waar dan de, van tevoren ingevette, kogel ingedrukt wordt. De kogel mag natuurlijk niet vastplakken aan de lijm. En dan... wordt het een perfect passende kogelzetter!


3 april 2016. Klontjes kruit
Iets wazig, maar dit is de binnenzijde van de Lyman 55 Classic kruitmolen. Er is één patoon voor Bernadette waar wat weinig kruit in zat, er pastte opeens wat meer vulmiddel in. Een korte check van de kruitmolen laat zien dat het kruit niet op is, maar dat het iets klontert door vocht. Kruit is hygroscopisch en dat is in bepaalde omstandigheden best iets om rekening mee te houden, bijvoorbeeld door de kruitmolen te legen als het herladen klaar is. De Lyman kruitmolen houdt het vocht in ieder geval niet buiten, maar andere molens waarschijnlijk ook niet.

 

6 april 2016. Een sterrenbeeld

Hildo kijkt door de baankijker en ziet even geen gaten na de eerste twee schoten. Hij haalt daarom de kaart naar zich toe en, warempel, tóch nog twee helemaal onderin de kaart. De volgende schoten komen hoger uit en dan gebruikt Hildo de baankijker niet langer en concentreert hij zich op het schieten, want telkens door de kijker kijken geeft bij hem slechtere resultaten.

De score

54 punten. Hoewel dit de eerste keer is dat hij met Bernadette schiet, is dit toch wel erg weinig. Misschien had hij een bijzonder slechte dag, maar Hildo heeft het gevoel dat het anders zit.

De conversie-bus

De lange vrije vlucht van de kogel, veroorzaakt door de bus die er in gezet is om het wapen tot Gras patroon te converteren, kon hier wel eens debet aan zijn. Bovendien, als hij met de pompstok met een lapje door de loop gaat, voelt hij vanaf de kamer duidelijk dat het strak begint te gaan, dan komt hij in de trekken en velden terecht en het gaat opeens weer veel lichter. Het lapje terughalen wil niet, deze blijft achter de conversiebus hangen. Kortom: een lange vrije vlucht én de loop heeft een grotere diameter dan het laatste stuk van de conversiebus. Hildo speculeert dat de kogel daar een kleinere diameter krijgt alvorens in de loop terecht te komen en dat de kogel daardoor de trekken niet goed kan vullen. En, u ziet het al aankomen, daardoor schiet het voor geen meter. Dat de kogel nog uitzet (opstuikt) in de trekken door de druk achter de kogel, daar gelooft Hildo niet in.

De Franse slag

Wat er gedaan is tijdens de conversie weet Hildo wel ongeveer, maar waarom ze het zo gedaan hebben weet hij ook niet. Dat de conversie het geweer geschikt maakt voor de 11x59R Gras patroon is duidelijk, maar een vijand moet niet verder weg staan dan een meter of 50, misschien 100, anders speelt de gereduceerde trefkans best een rol. De precisie is destijds niet beter geweest dan dat het nu is. Wat Hildo betreft is Bernadette nooit echt geschikt geweest voor oorlogsdoeleinden, maar ook niet voor de schietsport. Toch vreemd dat er nog zoveel Chassepot-geweren door de Fransen zo slordig, met die Franse slag, zijn geconverteerd, terwijl de wél goed schietende Gras Mle 1874 er al was. Alleen voor achterhoedegebruik voor bewakingsdoeleinden of zo waar precisie niet veel uitmaakt. De kamer uitruimen zou de precisie vast ten goede komen, afgezien van mogelijke sterktevermindering van loop/kamer, wie zal het zeggen? Maar dit wapen is nu eenmaal zoals het is en daar hoeft meer dan een eeuw na dato niets aan verbetert te worden. Er is ook nog zoiets als cultureel erfgoed. Hoewel Bernadette niet bol staat van museale kwaliteiten, gaat er aan dit geweer, zolang Hildo het heeft, niets gebeuren. Met geen enkel antiek exemplaar dat hij heeft overigens.

Volgende keer?

Ja hoor. Nog éénmaal 13 patronen herladen en proberen of met Bernadette nog een iets hoger puntenaantal te behalen is om eventuele 'slechte dag' resultaten te kunnen uitsluiten.

Later... Juliette!

U zou haar bijna vergeten, Juliette, de derde van de Drie Gezusters, het Mle 1866 Chassepot naaldvuurgeweer. Daarvan verwacht Hildo wél weer veel. Alvast heel veel toestanden met herladen, want zo'n papierpatroon drukt u niet zomaar even in elkaar, maar ook een goede precisie want destijds was de Chassepot een geweer dat ontzag imboezemde. Zij was de top-predator onder de militaire geweren, zowel wat power, precisie als long-range capaciteiten betrof. Maar voordat Juliette haar lood met vernietigende kracht richting de kaart spuwt... moet nog wel wat gebeuren. 'Geeft niets, want dat is iets om naar toe te leven', aldus Hildo die zich alvasy héél erg zit te verheugen op wat nog komen gaat!

 
 BACK

 ---- Western wedstrijdkalendertje  ----

Zwartkruit wedstrijden worden vrijwel het gehele jaar door georganiseerd. Een klein gedeelte van deze evenementen, waar wat te doen is op welke data, ziet u in Hildo's wedstrijdkalendertje. Klik hier!